Nederland heeft in Washington openlijk stelling genomen tegen een Amerikaans wetsvoorstel dat ASML zou dwingen zijn export van chipmachines naar China verder in te perken. Handelsminister Sjoerd Sjoerdsma (Buitenlandse Handel, D66) sprak na overleg met onder anderen de Amerikaanse minister van Handel Howard Lutnick zijn ongenoegen uit over de zogeheten Match Act, een conceptwet die in het Congres ligt. De kern van zijn bezwaar gaat niet over de chips zelf, maar over wie erover beslist: de VS of Nederland.
Dat raakt een gevoelige zenuw. ASML is de grootste industriele kroonjuweel van Nederland en levert de lithografiemachines waarmee vrijwel elke geavanceerde chip ter wereld wordt gemaakt. Een Amerikaanse wet die bepaalt wat dit Nederlandse bedrijf op Nederlandse bodem met zijn eigen producten mag doen, is precies het soort afhankelijkheid waar Den Haag steeds nerveuzer van wordt.
Wat de Match Act precies zou doen
De Match Act (voluit de Multilateral Alignment of Technology Controls on Hardware Act) moet de export van geavanceerde chiptechnologie naar China verder afknijpen. Voor ASML zit de pijn in drie dingen. Het voorstel zou de uitvoer van immersie-DUV-machines naar China verbieden, terwijl die nu nog maar deels beperkt is. Daarnaast zou het onderhoud en de service van bestaande machines in China onmogelijk maken. En het sluitstuk is het meest verstrekkend: als Washington er met bondgenoten niet uitkomt, zouden de VS die bondgenoten dwingende uitvoerbeperkingen kunnen opleggen.
Dat laatste is waar het voor Nederland fout gaat. De Match Act tilt het Amerikaanse exportbeleid over de grens en maakt er een verplichting van voor partnerlanden, in plaats van een gezamenlijke keuze.
Souvereiniteit, niet de chips
Sjoerdsma deelt het Amerikaanse doel, voorkomen dat gevoelige technologie bij het Chinese leger belandt, maar verzet zich tegen de methode. Exportcontrole werkt volgens de minister het beste als landen uit overtuiging samenwerken en niet als beleid over de grenzen wordt opgelegd. Waar Nederland ongelukkig van wordt, zei hij, is de suggestie dat de VS maatregelen aan Nederland kunnen opleggen: "Dit gaat ook over de kern van onze economie en ons verdienvermogen. Daar gaan we zelf over."
Nederland kiest liever voor "heel gericht proportionele maatregelen" zonder verstoring van internationale waardeketens, en wil de uitvoer van hoogwaardige chiptechnologie van geval tot geval bekijken. De gesprekken met Lutnick noemde Sjoerdsma productief en constructief, maar hij verwacht een langere reeks bezoeken om de Nederlandse zorgen over te brengen. Premier Rob Jetten kaartte de kwestie in april al aan tijdens zijn bezoek aan Washington.
Opvallend genoeg sloot Nederland tijdens dezelfde reis wel aan bij Pax Silica, een door de VS geleid samenwerkingsverband van bondgenoten rond AI- en halfgeleiderketens, waar ook Japan, Zuid-Korea en Taiwan bij betrokken zijn. Den Haag wil dus meedoen aan vrijwillige coordinatie, maar verzet zich tegen dwang. Het signaal naar Washington was bewust dubbel.
Wat dit voor jouw bedrijf betekent
De meeste Nederlandse ondernemers verkopen geen lithografiemachines, dus op het eerste gezicht is dit ver-van-mijn-bed. Toch is het dat niet. De Match Act is namelijk een leerzaam voorbeeld van een patroon dat steeds vaker terugkomt: een buitenlandse overheid die via wetgeving bepaalt wat een leverancier wel of niet aan jou mag leveren of voor jou mag onderhouden. Wie afhankelijk is van een product, een dienst of een AI-model dat onder buitenlands recht valt, kan op een ochtend wakker worden met een beperking waar hij zelf niets over te zeggen had.
Dat is geen theorie. Europese topbedrijven als Siemens en Renault zijn na de Amerikaanse AI-exportrestricties hun leveranciers gaan spreiden, juist om die afhankelijkheid te verkleinen. Dezelfde vraag die Den Haag nu over ASML stelt, kun jij over je eigen techstack stellen: hoeveel van mijn bedrijfsvoering hangt aan een leverancier die door een wet aan de andere kant van de oceaan stilgezet kan worden? De bredere zorg dat Amerikaanse exportregels de digitale souvereiniteit van Europa op scherp zetten speelt precies op dat niveau.
De les is niet om alles zelf te bouwen of geen Amerikaanse technologie meer te gebruiken, dat is onhaalbaar en vaak onverstandig. De les is om bewust te kiezen: weet waar je kritieke afhankelijkheden zitten, zorg waar het kan voor een uitwijkmogelijkheid, en houd de data en processen die je echt niet kwijt mag in eigen hand. Souvereiniteit is geen politiek modewoord, het is gewoon risicobeheer.
Wat nu
De Match Act is nog een conceptwetsvoorstel en geen wet, en de uitkomst van het Nederlands-Amerikaanse overleg is open. Maar de richting is duidelijk: exportcontrole op chiptechnologie wordt steeds meer een instrument van geopolitiek, en Nederland wil daar als producent van de cruciale machines niet de speelbal in worden. Voor wie afhankelijk is van technologie die ergens anders gemaakt of gereguleerd wordt, is dat een nuttige herinnering dat leverancierskeuze inmiddels ook een strategische keuze is.
Veelgestelde vragen
Afhankelijkheid in kaart, dan beheersbaar
Ik help je in kaart brengen waar je kritieke afhankelijkheden van buitenlandse software of AI zitten, en bouw waar het kan zelf-gehoste of uitwijkbare alternatieven: van meedenken en ontwerp tot realiseren en automatiseren, end-to-end.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
