DigiD-beheerder Solvinity vecht in een kort geding het verbod aan waarmee de Nederlandse staat zijn overname door het Amerikaanse Kyndryl blokkeerde. Tijdens de zitting op maandag 6 juli bij de rechtbank in Rotterdam betoogde het bedrijf dat de overheid onvoldoende kan uitleggen waarom die overname een risico voor het publiek belang zou vormen.
De zaak legt bloot hoe hard de overheid inmiddels ingrijpt in de vraag wie eigenaar mag zijn van gevoelige digitale infrastructuur. Staatssecretaris Willemijn Aerdts (Digitale Economie en Soevereiniteit) verbood de deal eind mei op advies van het Bureau Toetsing Investeringen, op grond van de Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie, die grofweg drie gronden biedt om een overname te blokkeren. Nu nationale veiligheid en niet langer alleen mededinging de toets bepaalt, liggen grensoverschrijdende deals in technologie, telecom en digitale infrastructuur vaker onder een vergrootglas. Wie een bedrijf in die hoek wil verkopen aan, of kopen van, een buitenlandse partij houdt daar voortaan rekening mee: een deal kan vertraging oplopen of helemaal sneuvelen.
Wat Solvinity beheert
Solvinity levert de digitale snelweg waarover het DigiD-verkeer loopt en heeft volgens de landsadvocaten diepgaande toegang tot vertrouwelijke overheidsinformatie, plus tot gegevens die bij DigiD en MijnOverheid worden verwerkt. Dat maakt de eigendomsvraag gevoelig: valt het bedrijf onder een Amerikaanse moeder, dan valt het ook onder Amerikaanse wetgeving.

Het bedrijf is in handen van de Britse investeerder Vitruvian Partners, die in 2024 besloot het belang te verkopen. Begin 2025 klopte Solvinity eerst bij de Nederlandse overheid aan om te polsen of die wilde kopen. Die had daar geen oren naar; het bezit van bedrijven is “in principe een marktaangelegenheid”, liet het kabinet eerder in antwoord op Kamervragen weten. Eind 2025 kwam Kyndryl in beeld.
De inzet van het kort geding
Volgens de landsadvocaten leidt het terugdraaien van het verbod “direct” tot een bedreiging van het publiek belang: de data van Solvinity kunnen dan in andere handen komen, met gevolgen die onomkeerbaar en bijzonder impactvol zouden zijn. Solvinity bestrijdt dat. Kyndryl is een gerenommeerde IT-dienstverlener die ook de ict-infrastructuur van Defensie verbouwt, aldus het bedrijf, en het kan maatregelen treffen om de zorgen weg te nemen. Voor uiterst gevoelige diensten werkt de overheid bovendien al samen met Amerikaanse bedrijven als Microsoft en Oracle, zonder dat daartegen iets wordt ondernomen.
De rechter toonde zich maandag kritisch op één punt: het spoedeisend belang. Een aparte beroepsprocedure tegen het besluit loopt namelijk al, en die begint waarschijnlijk pas over enkele maanden. Uitspraak in het kort geding volgt naar verwachting binnen twee weken.
Waarom dit verder reikt dan DigiD
Het verbod staat niet op zichzelf. In een paar weken tijd is digitale soevereiniteit in Den Haag van beleidsretoriek een operationeel breekijzer geworden, waarbij de staat ingrijpt via inkoop- en toetsinstrumenten. Toezichthouders trekken dezelfde lijn: AP-voorzitter Aleid Wolfsen waarschuwde dat de halve Nederlandse overheid binnen een dag kan stilvallen als de Verenigde Staten dat willen, juist door dit soort afhankelijkheden.
Voor Solvinity zelf wijst de weg vooruit dezelfde kant op: het kabinet wil DigiD op termijn op een soevereine overheidscloud draaien. De kern van de zaak is niet of Kyndryl te vertrouwen is, maar wie er in laatste instantie aan de knoppen zit van systemen waar een heel land op leunt. Dat is dezelfde vraag die onder elke leverancierskeuze ligt: onder welke jurisdictie valt je data, en hoe hard is je grip als de eigenaar van je software morgen verandert.
Veelgestelde vragen
Grip op je eigen software
Deze zaak draait om de vraag wie de sleutels van je systemen in handen heeft. Ik denk met je mee, ontwerp en bouw software en koppelingen end-to-end en beheer ze self-hosted waar dat kan, zodat je niet afhankelijk bent van de grillen van één leverancier of buitenland.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
