Groq haalt 350 miljoen dollar op bij een waardering van 3,5 miljard dollar, maakte het bedrijf bekend, en steekt dat kapitaal in een inference-cloud die op hardware van Nvidia draait.
Voor wie in Nederland een AI-functie op snelle, goedkope tokens laat lopen, verandert daarmee wie er onder de motorkap zit. Groq bouwde eigen chips, LPU's, die inference sneller en zuiniger moesten doen dan een GPU, en was daarmee de bekendste onafhankelijke uitdager van Nvidia. Die rol is voorbij. Groq verkoopt nu capaciteit op Nvidia-systemen, net als CoreWeave, Nebius en Lambda, waardoor de prijs van een token nog sterker afhangt van hoe snel er Nvidia-capaciteit bij komt.
Hoe de uitdager een Nvidia-partner werd
Inference is het draaien van een getraind model in productie: elke chatbot-reactie, elke samenvatting en elke agent-stap kost inference. Groq richtte zich daar volledig op en stond in september 2025 nog op een waardering van 6,9 miljard dollar. In december sloot Nvidia een niet-exclusieve licentiedeal van 20 miljard dollar op de LPU-technologie en nam het oprichter en topman Jonathan Ross, president Sunny Madra en een deel van het team over. Medeoprichter Doug Wightman nam het roer over en zette het bedrijf om tot clouddienst.
De nieuwe waardering van 3,5 miljard ligt bijna de helft onder die van september. Een woordvoerder noemt dat tegenover TechCrunch geen down round, maar een nieuwe waardering voor de versie van Groq van na de Nvidia-licentiedeal.

Waar de 350 miljoen heen gaat
Groq draait vandaag dertien datacenters in Noord-Amerika, Europa, het Midden-Oosten en Azië-Pacific, met naar eigen zeggen zes miljoen ontwikkelaars en biljoenen tokens per week. Het bedrijf wil van 54 megawatt naar meer dan 200 megawatt in 2027 en zet het verse geld in voor klanten die middelgrote tot grote clusters Nvidia-hardware afnemen, voor training zowel als inference. Groq is inmiddels gecertificeerd Nvidia Cloud Partner, wat betekent dat het die systemen volgens Nvidia's eigen referentiearchitectuur uitrolt.
Dat verschuift wie de klant is. De publieke API met zes miljoen ontwikkelaars blijft bestaan, maar het nieuwe kapitaal gaat naar partijen die hele clusters huren. Het Europese been van dat netwerk staat sinds juli 2025 in Helsinki, waar Groq met Equinix capaciteit neerzette die klanten dataresidentie binnen Europa en een private verbinding buiten het publieke internet om geeft. Voor een Nederlands bedrijf met AVG-verplichtingen is dat het punt dat telt, niet het bedrag van de ronde.
Goedkoper wordt inference er niet van
De rest van de neocloud-markt beweegt de andere kant op. CoreWeave verhoogde zijn prijzen met 25 procent en is op korte termijn uitverkocht, en het Amsterdamse Nebius tekent contracten met een jaarwaarde van ruim 20 miljoen dollar per megawatt en ziet voor kortlopende capaciteit ruimte tot 40 à 50 miljoen. Capaciteit erbij bouwen levert in deze markt dus geen dalende tarieven op. Het levert vooral op dat er iets te koop is.
Daar zit ook de zwakke plek van het model. Een neocloud koopt hardware die snel in waarde daalt, vaak met veel vreemd vermogen, en moet die investering terugverdienen bij klanten die elk jaar scherper inkopen. Groq maakt geen omzet- of margecijfers openbaar, dus hoe houdbaar die rekensom is, valt van buitenaf niet te controleren.
Waar dit heen wijst
De belofte van Groq was jarenlang dat snelle inference niet per se via Nvidia hoefde te lopen. Dat argument is niet verdwenen, maar het is verhuisd: de LPU-lijn leeft verder als LPX en draait naast Nvidia's nieuwste GPU's in datacenters die Groq binnen Nvidia's eigen partnerprogramma uitrolt. Wie tokens inkoopt, kiest daarmee steeds vaker tussen aanbieders met dezelfde leverancier in de rug.
Het echte tegenwicht komt inmiddels van partijen die zelf silicium bakken, zoals Google, dat Gemini in een eigen inference-chip giet om de rekenkosten te drukken. Dat is de lijn om te volgen voor iedereen die inference inkoopt, want die bepaalt of er over twee jaar nog iets te onderhandelen valt over de prijs per token.
Veelgestelde vragen
Grip op je AI-rekening
Wie een AI-functie aan één inference-leverancier vastknoopt, merkt dat pas als de prijs verandert. Ik denk mee over de opzet, ontwerp de architectuur en bouw en automatiseer het geheel, self-hosted waar dat kan, zodat je van model of aanbieder kunt wisselen zonder je product opnieuw te bouwen.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
