Apple zet zijn nieuwe M6-chip in de Mac mini en de M5 Ultra in de Mac Studio, en zegt dat ontwikkelaars daarmee grote AI-modellen lokaal kunnen draaien en finetunen. Beide desktops zijn sinds 25 augustus te bestellen.
Voor een Nederlands team dat AI van de cloud af wil halen, is de bruikbare vraag niet welke chip sneller rekent, maar welk model nog in het geheugen past. Dat geheugen bepaalt twee dingen tegelijk: wat je kunt draaien en wat je betaalt. De Mac mini begint in Nederland op 1.069 euro met 16 GB centraal geheugen, uitbreidbaar tot 32 GB. De machine waarop Apple's grootste belofte slaat, modellen met honderden miljarden parameters volledig op het apparaat, is de Mac Studio met M5 Ultra vanaf 6.649 euro. Levering start voor beide op 22 september.
Wat er in de twee chips zit
M6 is Apple's eerste chip op 2 nanometer. Hij heeft een 12-core CPU met twee supercores, vier prestatiecores en zes efficiencycores, een 12-core GPU met een Neural Accelerator in elke core, en een dubbele 16-core Neural Engine. Voor AI-werk telt vooral de geheugenbandbreedte: 170 GB/s, tegen 153 GB/s op de M5 en 120 GB/s op de M4. Apple claimt bijna 30 procent meer piek-GPU-rekenkracht voor AI dan de M5 en tot vier keer snellere AI-prestaties dan de Mac mini met M4.
De M5 Ultra is een ander soort dier. Apple koppelt met UltraFusion twee M5 Max-chips die zelf al uit twee dies bestaan, wat een quad-die-opzet oplevert met een onderlinge bandbreedte van meer dan 4,4 TB/s. Dat levert tot 36 CPU-cores, tot 80 GPU-cores, 1,2 TB/s geheugenbandbreedte en maximaal 512 GB centraal geheugen. De piek-AI-rekenkracht ligt volgens Apple 4,3 keer hoger dan bij de M3 Ultra.

Welk model past er nog in het geheugen
Bij een taalmodel met 4-bits kwantisering kost elke miljard parameters ruwweg een halve gigabyte. Trek daar het deel af dat macOS en je andere programma's opeisen, en de 16 GB van de instap-Mac mini laat ruimte voor een model van grofweg veertien tot twintig miljard parameters. Dat is geen theorie: Apple meet de tijd tot het eerste token zelf met een model van 14 miljard parameters op 4 bits in LM Studio, met een prompt van 8.000 tokens.
Dat schaalt netjes door. Met 32 GB in de Mac mini kom je in de klasse van dertig miljard parameters. De Mac mini met M5 Pro gaat tot 64 GB met 307 GB/s bandbreedte. Pas bij de Mac Studio met M5 Ultra en 512 GB haalt Apple de modellen binnen waar het persbericht mee opent. Wie verder wil, koppelt machines: Thunderbolt 5 en RDMA maken een gedeelde geheugenpoel over meerdere Mac Studio's, en een cluster van vier levert tot drie keer snellere inferentie dan één systeem. In een briefing sprak Apple over vier gekoppelde Mac Studio's die modellen van meer dan duizend miljard parameters lokaal draaien op een gewoon stopcontact.

De rekening tegenover de cloud
Apple maakt de kostenvergelijking zelf expliciet en zegt dat je met de nieuwe Mac Studio zware modellen draait zonder tokens te tellen of je zorgen te maken over stijgende cloudkosten. Dat is marketing met een echte kern, maar het is niet hetzelfde als goedkoper.
De rekensom hangt aan benutting, niet aan de aanschafprijs. Tegenover goedkope open-weight-API's ligt het omslagpunt naar eigen ijzer pas rond vijftien tot twintig miljoen tokens per dag, een volume dat de meeste bedrijven niet halen. Een Mac mini die vier uur per dag een agent draait, staat de rest van de tijd stil terwijl de afschrijving doorloopt. Waar het wel snel klopt: gevoelige documenten die je bedrijf niet uit mogen, een vast draaiende agent op kantoor, of een team dat wil experimenteren zonder dat elke test een factuur oplevert. Perplexity zette diezelfde afweging deze week op Nvidia-hardware neer, waar een lokale agent 59,6 procent haalde op Terminal Bench 2.1 tegen nul marginale kosten per taak.
Prijzen, levering en de aanloop ernaartoe
De Nederlandse startprijzen inclusief btw: 1.069 euro voor de Mac mini met M6, 2.019 euro met M5 Pro, 3.029 euro voor de Mac Studio met M5 Max en 6.649 euro met M5 Ultra. In die laatste zit in de basis 96 GB geheugen; de configuratie met 512 GB volgt volgens Apple pas eind oktober. Voorbestellen kan sinds 25 augustus, leveren begint op 22 september.
Die instapprijs is snel opgelopen. De Mac mini met M4 kostte tot 25 augustus 799 dollar en stond in juni nog op 599 dollar met lagere specificaties, tegen 899 dollar nu. Bij de Mac Studio ging het net zo: het model met M3 Ultra sprong in juni van 3.999 naar 5.299 dollar toen het wereldwijde geheugentekort Apple's hele prijslijst omhoog duwde. Het topmodel begint nu op 5.499 dollar.
Van tokenmeter naar aanschafbeslissing
De ironie zit in het geheugen. Precies de AI-boom die datacenters zoveel geheugen laat opkopen dat een Mac honderden euro's duurder werd, is de reden dat Apple nu desktops verkoopt op hun vermogen om AI-modellen lokaal te draaien. Het schaarse onderdeel is ook het verkoopargument geworden.
Daarmee verandert ook de vorm van de beslissing. Lokale AI was tot voor kort een project: hardware zoeken, een model kiezen, de stapel eromheen bouwen. Met een machine die je op 22 september uit de doos haalt en een prijskaartje dat je in één keer afschrijft, wordt het een gewone investeringsvraag naast een abonnement. Het antwoord daarop hangt niet af van de benchmarks in het persbericht, maar van hoeveel uur per dag dat ding daadwerkelijk staat te rekenen.
Veelgestelde vragen
AI op je eigen hardware
Een snelle machine lost niets op zolang er geen werkende werkstroom op draait. Ik denk met je mee over de afweging tussen lokaal en cloud, ontwerp de oplossing en bouw en automatiseer hem daarna ook echt, self-hosted waar dat kan.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
