De rechtbank Amsterdam verhoogde de proceskostenveroordeling met 2.315,50 euro omdat een partij in haar conclusie van antwoord een citaat opvoerde uit het arrest DSM/Fox dat nergens bestaat. Het vonnis van 12 augustus is sinds 18 augustus openbaar.
Daarmee hangt er in Nederland, voor zover bekend voor het eerst, een concreet bedrag aan ongecontroleerde tekst in een processtuk. Wie een passage overneemt zonder de bron terug te lezen, kan dat niet langer wegzetten als een slordigheidje: de rechter rekent de tijd die anderen eraan kwijt waren rechtstreeks door aan de indiener. Dat mechanisme is niet voorbehouden aan advocaten. Een offerte met een verzonnen normverwijzing, een adviesrapport met een onderzoek dat niet blijkt te bestaan of een bezwaarschrift met een gefabriceerd besluitnummer volgt dezelfde logica. De partij die het stuk indient, betaalt het opruimen.
Wat er in het processtuk stond
De zaak zelf gaat over de verkoop van alle aandelen in een bedrijf voor 2,1 miljoen euro, met een earn-out tot 2,35 miljoen. De kopers vonden achteraf dat zij op verkeerde cijfers waren afgegaan en weigerden de tweede tranche aandelen af te nemen. Hun beroep op dwaling onderbouwden zij in de conclusie van antwoord met drie rechtsoverwegingen die zij toeschreven aan DSM/Fox, een standaardarrest van de Hoge Raad uit 2004.

Alleen gaat DSM/Fox helemaal niet over dwaling. Dat arrest bepaalt hoe je een pensioenreglement uitlegt en hoe de Haviltex-norm zich verhoudt tot de cao-norm. De aangehaalde bewoordingen zijn volgens de rechtbank niet in het genoemde arrest te vinden, en ook niet elders in gepubliceerde rechtspraak. Ze lezen wel precies zoals echte overwegingen lezen, compleet met nummering en een verwijzing naar artikel 6:248 lid 2 BW.
De herkomst deed er niet toe
De verkoper stelde dat de tegenpartij het stuk met kunstmatige intelligentie had opgesteld en dat het model was gaan hallucineren. De raadsman van de kopers ontkende dat, maar kon niet achterhalen hoe de passage dan wel in het processtuk was beland.
Voor de uitkomst maakte dat niets uit. De rechtbank vond die vraag niet beslissend en oordeelde dat het als citaat opnemen van niet-bestaande rechtspraak kwalijk is, want het kostte zowel de wederpartij als de rechtbank nodeloos extra tijd en aandacht. Dat is het scherpste deel van de uitspraak. Er staat geen oordeel over AI in, en juist daarom bijt hij: niet weten waar een passage vandaan komt is geen verweer, en het maakt niet uit of een stagiair, een sjabloon of een taalmodel de fout leverde.
De rechtbank begrootte de kosten daarvan op een halve punt van het liquidatietarief. Dat tarief bedroeg in deze zaak 4.631 euro per punt, dus kwam er 2.315,50 euro bij. De totale proceskostenveroordeling landde op 26.100,85 euro, naast 7.591 euro aan beslagkosten. Volledige vergoeding van de werkelijk gemaakte kosten wees de rechtbank af: daarvoor is misbruik van procesrecht nodig, en die drempel werd niet gehaald. De halve punt is dus geen boete, maar een kostenpost die netjes binnen het bestaande stelsel past. Dat maakt hem makkelijk herhaalbaar.
Van waarschuwend gesprek naar rekening
Tot nu toe bleef verkeerd AI-gebruik in de Nederlandse rechtspraktijk in de toezichtsfeer hangen. Drie advocaten kregen een waarschuwing en twee van hen moesten verplicht op AI-cursus nadat zij verwezen naar uitspraken die niet bestonden of niet relevant waren, meldde de NOS in februari. Waarschuwende gesprekken zijn de lichtste vorm van optreden. Een proceskostenveroordeling niet.
Het onderliggende patroon is bekend en niet beperkt tot juristen. KPMG trok zijn rapport over agentic AI in nadat van de vijfenveertig citaties er maar vijf bleken te kloppen, inclusief casestudies over klanten die nooit hadden bestaan. Ook gespecialiseerde juridische AI-tools met eigen bronmateriaal hallucineren in ongeveer een op de zes vragen, telden onderzoekers van Stanford. Een verzonnen bronvermelding komt er met dezelfde stellige toon uit als een kloppende, en dat is precies waarom een lezer eroverheen leest.
De praktische consequentie is klein en saai: elke externe claim koppelen aan een bron die je zelf hebt aangeleverd en die je terugleest voordat het stuk de deur uit gaat. Bij jurisprudentie duurt dat een minuut per verwijzing. Bij een normverwijzing in een offerte net zo lang.
Waar dit heen wijst
De Amsterdamse uitspraak formuleert geen nieuwe norm. Een citaat hoort te kloppen, dat gold al voordat er taalmodellen waren. Wat verschuift, is de prijs van het niet controleren en de plek waar die prijs valt: bij de partij wier naam onder het stuk staat, niet bij de leverancier van het model.
Aan de andere kant van dezelfde vraag beweegt Europa ook. Een Duitse rechter hield Google aansprakelijk voor onjuiste informatie uit AI-gegenereerde zoekoverzichten, waarmee de aanbieder werd aangesproken. Amsterdam spreekt de gebruiker aan. Het gat waarin een hallucinatie niemand iets kost, wordt van twee kanten kleiner. Zolang een verificatieronde goedkoper is dan een halve punt liquidatietarief, is het rekensommetje voor elk stuk dat je onder je eigen naam verstuurt eenvoudig geworden.
Veelgestelde vragen
Antwoorden met de bron erbij
Als een verzonnen verwijzing jou geld kan kosten, wil je systemen die elk antwoord aan een controleerbare bron koppelen. Ik denk mee over waar die controle hoort, ontwerp het proces eromheen en bouw en automatiseer het vervolgens, self-hosted waar dat kan.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
