Uber is op 2 september gedagvaard bij de rechtbank Amsterdam namens chauffeurs uit zeven Europese landen, omdat het algoritme dat hun ritvergoeding vaststelt en hun ritten toewijst volgens Stichting WIE International in strijd is met artikel 22 AVG.
Ruim twee weken eerder kreeg Uber van de Autoriteit Persoonsgegevens al een boete van 825 miljoen euro voor het volledig geautomatiseerd blokkeren van chauffeursaccounts. Dat bedrag gaat naar de schatkist. Deze zaak werkt anders: het is een collectieve vordering op grond van artikel 3:305a BW, en die eist schadevergoeding voor de mensen over wie het systeem besliste. Voor elke organisatie die software zelfstandig laat bepalen wat iemand krijgt aangeboden of betaald, komt er daarmee naast de boete van de toezichthouder een tweede rekening in beeld: een civiele claim van de betrokkenen zelf.

Drie verwijten, een systeem
De dagvaarding is op 2 september geregistreerd in het centraal register voor collectieve vorderingen. Gedaagd zijn Uber B.V. in Amsterdam en Uber Technologies Inc. in Delaware, die volgens de stichting samen verwerkingsverantwoordelijke zijn. De groep die WIE International vertegenwoordigt bestaat uit iedereen die sinds 1 december 2020 minstens een rit reed via de Uber driver-app in Nederland, Belgie, Duitsland, Frankrijk, Polen, Roemenie of het Verenigd Koninkrijk. Het gaat om ongeveer 241.000 chauffeurs in de EU en het Verenigd Koninkrijk, meldt The Guardian.
De Chauffeursvergoeding is het bedrag dat Uber per rit geautomatiseerd vaststelt voor de chauffeur; de Rittoewijzing is het proces dat bepaalt wie een rit krijgt aangeboden. Beide draaien volgens de stichting zonder menselijke tussenkomst. Het uittreksel van de dagvaarding bouwt daarop drie verwijten:
- Geautomatiseerde besluitvorming. Vergoeding en toewijzing bepalen rechtstreeks tot welke ritten en welk inkomen een chauffeur toegang krijgt. Uber kan zich volgens de stichting op geen van de wettelijke uitzonderingen op artikel 22 AVG beroepen.
- Trainen op chauffeursdata. Uber gebruikte de persoonsgegevens van chauffeurs om de zelflerende modellen achter die besluiten te trainen. Daarvoor ontbreekt een geldige grondslag onder artikel 6 AVG, stelt de dagvaarding, en zijn chauffeurs onvoldoende geinformeerd onder de artikelen 12 tot en met 14.
- Doorgifte naar de Verenigde Staten. Van 6 augustus 2021 tot 27 november 2023 gingen chauffeursgegevens naar het Amerikaanse bedrijfsonderdeel zonder adequaatheidsbesluit of andere passende waarborgen.
Wat er precies wordt gevorderd
De schadeposten zijn met een economisch rapport onderbouwd. Adviesbureau Oxera rekende op basis van daadwerkelijk gereden ritten voor dat in de Nederlandse dataset 48 procent van de chauffeurs er per uur op achteruitging, gemiddeld 7.508 euro per jaar. In het Verenigd Koninkrijk gold dat voor 66,7 procent van de chauffeurs, met gemiddeld 5.337 pond per jaar. Daarbovenop vordert de stichting immateriele schade voor wat zij permanente surveillance in de werksfeer noemt, en afdracht van de winst die Uber met de onrechtmatige verwerking maakte, op grond van artikel 6:212 of 6:104 BW.
Het onderliggende onderzoek van de Universiteit van Oxford met Worker Info Exchange keek naar zo'n 1,5 miljoen ritten van 258 chauffeurs tussen 2016 en 2024. Sinds de invoering van dynamische beloning daalde het gemiddelde bruto-uurloon van ongeveer 22,20 naar 19,06 pond, terwijl Ubers commissie steeg van ongeveer 25 naar 29 procent, en bij sommige ritten boven de 50 procent uitkwam.
Uber bestrijdt het beeld. "We hebben de claim nog niet gezien, maar we wijzen de beschuldigingen categorisch af", laat een woordvoerder aan The Guardian weten. Het bedrijf zegt de prijs van een rit niet aan te passen op het gedrag van een individuele chauffeur, en dynamische beloning juist te gebruiken om minder aantrekkelijke ritten beter te betalen.
De eis die verder gaat dan geld
Voor bedrijven zit het scherpste punt niet in het schadebedrag maar in de tweede eis: WIE International wil dat de rechter Uber verplicht de persoonsgegevens te vernietigen die het voor de dynamische modellen en de machine learning heeft verwerkt. Dat is een ander soort risico dan een boete. Een boete betaal je en je systeem draait door. Een vernietigingsbevel raakt de trainingsset waarop het model rust, en daarmee het model zelf.
Die eis maakt zichtbaar waar de rekening bij algoritmisch beslissen echt ligt. De vraag is niet alleen of je een verwerkingsgrondslag kunt aanwijzen voor de gegevens die je vandaag verwerkt, maar ook of je die had voor alle data waarmee je je model ooit hebt getraind. Wie dat niet kan laten zien, riskeert dat de waarde van jaren modelontwikkeling juridisch onder hem vandaan wordt getrokken.
De beweging is daarmee dezelfde als in de Verenigde Staten, waar zesentwintig oud-medewerkers van Meta voor de federale rechter aanvoeren dat AI-software bij een ontslagronde mensen met een medische aandoening onevenredig hard raakte. Toezichthouders beboeten het proces, maar de mensen die het besluit kregen stappen zelf naar de rechter. Software die over mensen oordeelt is daarmee niet langer een compliancepost die je afvinkt, maar een balanspost met een tegenpartij.
Veelgestelde vragen
Laat je software uitleggen
Als een model bij jou prijzen, toewijzingen of afwijzingen bepaalt, help ik je het zo in te richten dat je kunt laten zien waarop het besluit rust en waar een mens ingrijpt. Ik denk mee over het ontwerp, bouw het en automatiseer de rest, self-hosted waar dat kan.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
