Google verlaagt de 720p-prijs van Gemini Omni 1.2 Flash met 30 procent, naar circa $0,07 per seconde voor clips tot vijftien seconden, meldt het bedrijf op 5 november.
Bij honderd clips van vijftien seconden komt alleen de 720p-uitvoer uit op ongeveer $104, tegenover $150 op het oude tarief. Voor een Nederlands contentteam dat korte advertenties of productvideo’s maakt, verandert daarmee de prijs per gegenereerde versie. Invoertokens, revisies en nieuwe pogingen tellen mee in de uiteindelijke rekening.
Vijftien seconden bepaalt de basisprijs
De nieuwe prijs geldt voor video-uitvoer via de betaalde Gemini API. Google noemt geen gratis gebruikslaag voor Omni 1.2 Flash. De prijstabel komt uit op circa $0,07 per seconde op 720p, ongeveer $0,70 voor tien seconden en $1,04 voor vijftien seconden. Tekst-, beeld- en video-invoer worden apart afgerekend tegen $1,50 per miljoen tokens.
De resolutie verandert de rekensom. Een 360p-clip kost volgens dezelfde tabel ongeveer $0,023 per seconde. Voor 1080p, dat wordt opgeschaald, is dat circa $0,104; voor opgeschaald 4K komt het tarief uit op $0,209 per seconde. Een team kan dus goedkoop een lage-resolutieversie proberen en alleen geselecteerde clips hoger laten renderen, zoals Google zelf voorstelt.
De vijftien seconden zijn de maximale lengte van één gewone generatie. De standaardduur is tien seconden; ontwikkelaars kunnen een hele seconde kiezen tussen drie en vijftien. De API ondersteunt daarnaast liggende video en een staande verhouding van 9:16, relevant voor socialadvertenties en mobiele productclips.
Elke nieuwe versie telt mee
Omni 1.2 Flash kan video met geluid maken en laat gebruikers een clip in meerdere beurten aanpassen. Een vervolgprompt kan bijvoorbeeld de achtergrond, belichting of beeldverhouding veranderen, terwijl de rest van de scène behouden blijft. Google presenteert dat als een manier om wijzigingen te doen zonder de hele clip opnieuw te briefen.
De API-documentatie laat clips van drie tot vijftien seconden toe en beperkt video’s van elf tot vijftien seconden tot één referentievideo van maximaal drie seconden. Kortere clips kunnen maximaal drie referentievideo’s meenemen; voor alle lengtes zijn maximaal zes stilstaande referentiebeelden mogelijk. De documentatie zegt ook dat elke bewerkingsbeurt een nieuwe video oplevert. Omdat Google afrekent op de totale hoeveelheid uitvoertokens, hoort elke nieuwe versie in de kostenraming. Vier volledige uitvoerversies van vijftien seconden op 720p komen bijvoorbeeld samen op ongeveer $4,16.

De EER-grens blijft voor uploads gelden
De voorgeschiedenis maakt de korting concreet. De eerste Omni Flash-preview in juni kostte $0,10 per seconde en beperkte clips tot tien seconden. De latere Gemini Omni 1.1-lancering bracht clips tot veertig seconden en 4K, maar hield bewerken van geüploade video buiten de EER. De huidige API-documentatie vermeldt die regionale grens nog steeds: geüploade video bewerken of verlengen is niet beschikbaar in de EER, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk. Bewerken van video die Omni zelf genereerde kan wel.
De prijsupdate verandert die voorwaarden niet. De huidige API-documentatie houdt de EER-blokkade voor uploads aan en vermeldt automatische routering van Omni 1.1 naar 1.2 vanaf 3 december, zonder codewijziging en tegen de lagere tarieven. Voor teams die bestaande koppelingen hebben, is dat een concrete migratiedatum. Ook blijven beperkingen relevant voor Nederlandse producties: Engels is volledig geëvalueerd, andere talen nog niet, en stem bewerken of audio als referentie invoeren kan niet.
Andere aanbieders prijzen ook per clip
De prijs staat naast een markt waarin resolutie, clipduur en revisiemogelijkheden per aanbieder verschillen. Black Forest Labs’ FLUX 3 Video ondersteunt clips tot twintig seconden met ingebouwd geluid en een conceptmodus. Het lab zegt dat dialoog, geluidseffecten en omgevingsgeluid samen met de beelden kunnen worden gegenereerd. Die combinatie van langere clips en goedkope proefversies is een vergelijkingspunt voor teams die advertentievarianten maken, al werkt de conceptmodus anders dan Googles prijs per uitvoertoken.
Runway Dev rekent voor zijn Gen-4.5-model twaalf credits per seconde; één credit kost volgens het bedrijf $0,01. Dat komt neer op $0,12 per seconde. De prijs is geen directe kwaliteitsvergelijking: resolutie, inbegrepen functies en de manier waarop een clip wordt bewerkt verschillen per model. De cijfers laten wel zien dat het tarief per seconde pas betekenis krijgt naast de gewenste uitvoer en het productieproces.
Google DeepMind’s eigen onderlinge vergelijking zet visuele consistentie bij tekst-naar-video op 62 procent voor Omni 1.2 tegenover 38 procent voor 1.1, en identiteitsconsistentie bij referentie-naar-video op 63 procent tegenover 37 procent. Die percentages geven de uitkomst van een vergelijking met Omni 1.1 weer, niet het aandeel clips dat zonder nabewerking inzetbaar is. De modelkaart beschrijft veiligheidsbeoordelingen, maar geeft geen methode of steekproefgrootte voor deze vergelijkingscijfers. Ook een gemiddelde kostprijs per goedgekeurde video ontbreekt.
De prijs per bruikbare clip blijft afhankelijk van het aantal volledige videoversies, de gekozen resolutie en regionale toegang. De nieuwe tarieven maken de eerste generatie voorspelbaar, terwijl een team de totale productiekosten aan revisies en gebruikte versies kan aflezen. Hoeveel versies nodig zijn voor één bruikbare video, blijft een uitkomst van de eigen productieflow.
Veelgestelde vragen
Van idee naar videostroom
Ik denk met je mee over een contentproces dat bij je team past, ontwerp de stappen en realiseer de software die werk automatiseert. Waar dat kan, host ik die zelf.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
