Rechter Rita Lin heeft de Amerikaanse blokkade van Anthropic donderdag vernietigd, inclusief het bevel dat leveranciers van het Amerikaanse leger verbood nog zaken te doen met de maker van Claude.
Dat tweede deel raakte bedrijven die part noch deel hadden aan het conflict. Het bevel van 27 februari gold voor elke contractant, leverancier of partner van het Amerikaanse leger, ook als de samenwerking met Anthropic niets met defensie te maken had. Wie op 28 februari zowel Claude gebruikte als aan het Amerikaanse leger leverde, was volgens de rechtbank formeel in overtreding. Zes maanden procederen later is die bepaling van tafel.
Wat er precies van tafel gaat
Drie maatregelen stonden ter discussie bij de federale rechtbank voor Noord-Californië: de opdracht van president Trump op 27 februari om rijksbreed te stoppen met Anthropic, het bevel dat minister Pete Hegseth van het Amerikaanse ministerie van Oorlog een uur later publiceerde, en de formele aanwijzing als toeleveringsrisico van 3 maart. Lin oordeelde over alle drie tegelijk, in een uitspraak van 59 pagina's waarin ze schrijft dat de brede maatregelen tegen het bedrijf onwettig en zonder grond waren, terwijl het ministerie onbetwist vrij blijft om zelf zijn AI-leverancier te kiezen.
Wat vervalt:
De aanwijzing als toeleveringsrisico. Het label dat Hegseth oplegde op grond van 10 U.S.C. paragraaf 3252 is willekeurig, gaat de wettelijke bevoegdheid te buiten en kwam tot stand zonder de voorgeschreven procedure. Het is vernietigd en terugverwezen naar het ministerie.
Het zakenverbod voor militaire leveranciers. De zin uit het bevel van Hegseth dat per direct geen enkele contractant, leverancier of partner van het Amerikaanse leger nog commerciële activiteit met Anthropic mocht ontplooien, is vernietigd en buiten werking gesteld.
De uitvoering bij negen agentschappen. De besluiten van het ministerie van Oorlog, Financiën, Buitenlandse Zaken, Binnenlandse Veiligheid, Energie, de dienstenorganisatie GSA, personeelsdienst OPM, de nucleaire toezichthouder en de toezichthouder op hypotheekfinanciering om hun gebruik van Anthropic te beëindigen zijn opgelegd zonder gedelegeerde bevoegdheid en daarmee ongedaan gemaakt. Voor vijf andere agentschappen, waaronder NASA en beurstoezichthouder SEC, hield de klacht juist geen stand.
Daarbovenop staat de grondwettelijke laag: alle drie de maatregelen zijn volgens Lin vergelding voor beschermde meningsuiting onder het Eerste Amendement en een schending van behoorlijk proces onder het Vijfde, omdat Anthropic vooraf geen kennisgeving en geen gelegenheid tot weerwoord kreeg. De overheid mag ze permanent niet meer uitvoeren en moet elke interne instructie die eruit voortkwam intrekken. Op een punt kreeg de regering gelijk: de stelling dat de presidentiële opdracht zelf de machtenscheiding schond, hield geen stand.
Het hele bewijs was vier pagina's
De regering leverde het dossier aan waarop de maatregelen zouden rusten. Dat bleek een memorandum van vier pagina's te zijn, dat bovendien dateert van na twee van de drie maatregelen. De kern van de risicoanalyse liet de regering tijdens de procedure vallen: die ging ervan uit dat Anthropic na levering nog bij zijn eigen technologie kon, en het staat onbetwist vast dat het bedrijf die toegang niet heeft. De regering erkende ook dat Claude op zichzelf niet risicovoller is dan welk ander gesloten AI-model dan ook.
Wat overbleef was één factor: vertrouwen. Anthropic ging volgens de regering in toenemende mate vijandig om met de pers en bekritiseerde de opvattingen van het ministerie over militair AI-gebruik, en daarom viel er niet op te bouwen. Lin schrijft dat noch de grondwet noch het ingeroepen wetsartikel toestaat dat de overheid zulke brede straffen oplegt die in hoofdzaak stoelen op kritiek op het beleid. Het loze inroepen van nationale veiligheid, aldus haar oordeel, is geen blanco cheque om critici van de overheid te straffen.
De handelingen van de regering spraken haar eigen verhaal tegen. Een paar dagen voor de maatregelen stelde Hegseth nog voor om de Defense Production Act op Anthropic toe te passen, wat het bedrijf juist essentieel voor de nationale veiligheid zou maken in plaats van een bedreiging. Direct erna bleef het ministerie een contract najagen met de woorden dat het er bijna uit was. Tot op de dag van de uitspraak praat de overheid met Anthropic over de inzet van diens nieuwe model Mythos in gevoelige contexten. Niets daarvan past volgens Lin bij een oprechte vrees dat het bedrijf zijn eigen software zou vergiftigen.

De schade landde bij bedrijven die er niets mee te maken hadden
Anthropic becijferde in de procedure dat een blijvende aanwijzing zijn omzet bij defensiecontractanten en andere aan het ministerie gelieerde klanten met 50 tot 100 procent zou drukken, en de omzet over 2026 met meerdere miljarden dollars.
Veelzeggender is wat er bij derden gebeurde. Advocatenkantoren stuurden hun klanten alerts over de mogelijk verstrekkende werking van het bevel, met het advies dat leveranciers van het ministerie er goed aan zouden doen hun relatie met Anthropic te heroverwegen. Brancheverenigingen van overheidsleveranciers beschreven in een amicusbrief het gevolg: opgezegde contracten, bevroren samenwerkingen, ontregelde werkstromen en een nalevingsprobleem zonder duidelijke regels voor bedrijven die met Claude gemaakt werk in hun eigen product hadden zitten. Hun grootste zorg was niet Anthropic, maar dat hun hetzelfde kon overkomen, zonder voorafgaande vaststelling of procedure.
Op de zitting van 30 juli zei Lin al dat de regering geen bewijs had geleverd voor haar label dat Anthropic een toeleveringsrisico noemt, en dat het dossier er op punten juist slechter op was geworden. De uitspraak van deze week zet dat om in een definitief oordeel, met een permanent verbod erbij.
Wat nog niet vaststaat
Het conflict komt voort uit een contract van 200 miljoen dollar over de inzet van Claude op geheime systemen. Anthropic wilde twee toepassingen contractueel uitsluiten, massasurveillance van Amerikaanse burgers en volledig autonome wapens, en het ministerie eiste gebruik voor alle rechtmatige doeleinden. Dat onderliggende meningsverschil lost deze uitspraak niet op.
Het Pentagon gaat naar verwachting in beroep. Een tweede zaak van Anthropic, over de andere aanwijzing die op een apart wetsartikel rust, loopt nog bij het federale hof van beroep in Washington. De rechtbank in Californië houdt de zaak onder zich om naleving af te dwingen. Woordvoerder Danielle Cohen van Anthropic zei dat het bedrijf het oordeel dat de aanwijzing onrechtmatig was verwelkomt en zich blijft richten op samenwerking met de overheid.
En de uitspraak dwingt niets af. Ze verplicht het ministerie niet om Claude te gebruiken en verhindert niet dat het overstapt op een andere AI-aanbieder, zolang dat rechtmatig gebeurt. Het Pentagon was zijn Claude-gebruik al aan het afbouwen.
Wat er wel ligt, is een getoetste ondergrens. Een overheid die een AI-leverancier uit de markt wil duwen, moet een onderbouwd besluit op papier zetten, minder ingrijpende maatregelen wegen en het bedrijf vooraf laten reageren. Zonder dat blijft er niet meer over dan een etiket. Voor wie een AI-leverancier kiest, verschuift daarmee dezelfde vraag die eerder al gold voor beveiligingssoftware, waar de jurisdictie van de maker geen randvoorwaarde bij het product is maar een eigenschap van het product zelf: hoe snel je eruit komt als iemand anders dan jij besluit dat je er niet meer in mag. Zes maanden procederen was het antwoord dat Anthropic zich kon veroorloven. De meeste leveranciers en hun klanten kunnen dat niet.
Veelgestelde vragen
Niet vastzitten aan een model
Als een leverancier zo uit je keten kan vallen, wil je dat je systeem daar tegen kan. Ik denk mee over waar je jezelf vastlegt, ontwerp het zo dat wisselen van model een instelling is, en bouw en automatiseer het van begin tot eind, self-hosted waar dat kan.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
