Microsoft heeft in een eigen enterprise-test gemeten dat een overstap naar Claude Sonnet 5 het tokenverbruik bij architectuurtaken mediaan 12 keer opdrijft, ondanks een 33 procent lagere prijs per token. In een enkel scenario slokte een run zelfs 47 keer het gebruikelijke volume op, met een uitschieter van 69 miljoen tokens.
Voor iedereen die een AI-budget beheert is dat een scherpe waarschuwing: de prijslijst zegt weinig. Je rekening is het tarief maal het aantal tokens, en een model dat per token goedkoper is kan per taak juist flink duurder uitpakken. Bij Microsofts code-upgradetaken kostte Sonnet 5 gemiddeld $2,01 per run tegen $0,55 voor de vorige versie, 3,7 keer zoveel. Op de architectuurtaken viel het juist 12 procent goedkoper uit. Welke kant jouw werk op gaat, weet je pas als je het meet.
Goedkopere tokens, hogere rekening
Op de tarievenkaart wint Sonnet 5 op elke regel. De inputprijs zakte van $3 naar $2 per miljoen tokens, de outputprijs van $15 naar $10, over de hele linie 33 procent lager. Maar tarieven bepalen je rekening niet, het verbruik doet dat.
Microsoft draaide 150 agenttaken over 15 scenario's op twee modellen, Sonnet 4.6 en Sonnet 5, via GitHub Copilot in Visual Studio Code. Bij de 12 architectuurscenario's, 60 runs per model, lag het mediane tokenverbruik van Sonnet 5 twaalf keer hoger. Bij de drie code-upgradescenario's tien keer. Een korting van 33 procent overleeft zo'n stijging niet.
Wat dat in euro's doet, hangt af van de taak. Op de code-upgrades werd de goedkopere Sonnet 5 in de praktijk 3,7 keer zo duur, terwijl hij op de architectuurtaken 12 procent voordeliger uitkwam omdat de tokenstijging daar mild genoeg bleef om de korting te laten winnen.
Meer tokens, niet per se beter werk
Het hogere verbruik leverde niet automatisch beter werk op. Op de architectuurtaken haalden beide modellen dezelfde voltooiingsscore van 75 procent, maar op de kwaliteitsmaat scoorde de oudere Sonnet 4.6 90 procent tegen 78 procent voor Sonnet 5. In 8 van de 9 vergelijkbare scenario's was het oudere model gelijk of beter. Bij het ontwerp van een IoT-analyse-architectuur haalde Sonnet 4.6 de kwaliteitscheck in 4 van de 5 runs, Sonnet 5 in slechts 1.
Bij de code-upgrades draaide het beeld om. Waar Sonnet 4.6 een gevraagde SharePoint-versie in alle vijf runs verkeerd installeerde, volgde Sonnet 5 de instructie elke keer exact en passeerde het de eerste kwaliteitspoort in 100 procent van de runs, tegen 60 procent voor de voorganger. Eén run groef zich met 69 miljoen tokens door ongedocumenteerde migratiestappen heen, maar dat bleek niet reproduceerbaar: de vier andere runs in datzelfde scenario haalden die diepte niet.
Onvoorspelbaarheid als kostenpost
Het echte risico zit in de spreiding. Sonnet 4.6 bleef bij eenvoudige architectuurtaken netjes tussen 14.000 en 45.000 tokens per run, wat begroten simpel maakt. Sonnet 5 schoot alle kanten op: in hetzelfde IoT-scenario verbruikte de ene run 6,6 miljoen tokens en de andere 16.000. Eén uitschieter kan meer kosten dan een hele batch runs op het oude model, en bij Sonnet 5 was zo'n uitschieter eerder regel dan uitzondering.
Er was ook een harde bovengrens die geen van beide modellen doorbrak. Op de structurele toolchain-migraties was de configuratie in 100 procent van de gevallen fout, omdat de benodigde stappen nergens gedocumenteerd staan. Microsoft telde zeven concrete bestands- en configuratiewijzigingen die geen model zelf kon vinden. Een nieuwer model repareert geen gat in de brondocumentatie.
Wat dit verschuift
De les is niet dat het ene model beter of slechter is, maar dat een modelupgrade een hypothese is, geen zekerheid. AI-vaardigheid is een grillige grens: taken die even moeilijk lijken vallen aan verschillende kanten van wat een model aankan. Onafhankelijke metingen lieten eerder al zien dat Sonnet 5 rond 40 procent meer outputtokens per taak verbruikt; Microsofts praktijkcijfers liggen daar ver boven en laten zien hoe sterk het per taaktype verschilt.
Voor een Nederlands bedrijf dat agentische AI inzet, verandert daarmee de manier van inkopen. Niet de prijs per token op de offerte telt, maar de gemeten kosten per taak op je eigen werk, en de spreiding daaromheen. Wie de AI-rekening van zulke agenten in toom wil houden, meet het verbruik voor en na een modelwissel op de echte workload voordat een upgrade organisatiebreed live gaat.
Veelgestelde vragen
AI-kosten die niet ontsporen
Ik denk met je mee over welke modellen en agenten passen bij jouw werk, ontwerp de opzet en bouw hem end-to-end, self-hosted waar dat kan, zodat je op kosten per taak stuurt in plaats van op een prijslijst.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
