Alphabet verhoogt zijn AI-investeringsbudget voor 2026 naar 195 tot 205 miljard dollar en zag de vrije kasstroom daardoor voor het eerst sinds de beursgang negatief worden, op min 5,86 miljard dollar in het tweede kwartaal. De cijfers over het kwartaal tot eind juni lieten tegelijk een cloudtak zien die harder groeit dan verwacht.
Voor een Nederlands bedrijf dat op Google Cloud of Workspace draait, is dit meer dan een beurscijfer. Het laat zien wat de AI-uitgavenrace kost en wie dat uiteindelijk betaalt: een leverancier die sneller uitgeeft dan hij binnenkrijgt, moet die rekening ergens vandaan halen, en dat komt via prijsstelling en capaciteitskeuzes bij zijn klanten terecht.
De cloudgroei betaalt de rekening nog niet
Google Cloud, de tak waar bedrijven rekenkracht en AI-diensten afnemen, groeide 82 procent tot 24,8 miljard dollar, fors boven de 64 procent waar analisten op rekenden. De totale omzet kwam uit op 119,8 miljard dollar, 24 procent hoger dan een jaar eerder, met 81,6 miljard dollar uit advertenties.
De keerzijde staat in dezelfde cijfers. De kapitaaluitgaven verdubbelden bijna tot 44,9 miljard dollar in één kwartaal, waardoor de vrije kasstroom voor het eerst sinds de beursgang in het rood dook. De winst per aandeel van 2,85 dollar bleef net onder de verwachte 2,89 dollar. Het aandeel zakte na de cijfers ongeveer 3 procent.

Waarom de uitgaven blijven stijgen
Achter die uitgaven zit vastgelegde vraag. Alphabet meldt een orderportefeuille van 514 miljard dollar aan nog niet geboekte cloudcontracten, voor het eerst boven 500 miljard. Financieel directeur Anat Ashkenazi zei dat de vraag naar rekencapaciteit die investeringen nog steeds overtreft.
Dat rijmt met eerder deze maand, toen Google zelfs Meta's toegang tot Gemini-rekencapaciteit moest rantsoeneren omdat het tegen een compute-plafond aanliep. Zelfs een techreus botst dus op schaarste, en dat is precies waarom de capex-prognose in 2026 twee keer omhoog ging, van 180 tot 190 miljard naar 195 tot 205 miljard dollar.
Niet alles loopt op rolletjes. CEO Sundar Pichai erkende dat coderen en agentic coding een zwak punt blijven, hetzelfde probleem waardoor Google de lancering van vlaggenschipmodel Gemini 3.5 Pro uitstelde. De Gemini-app telt naar eigen zeggen inmiddels 950 miljoen maandelijkse gebruikers en verwerkt via de API zo'n 22 miljard tokens per minuut.
Wat dit betekent voor bedrijven op Google Cloud
Zolang de vraag de capaciteit overtreft, blijft de rekenkracht schaars en dus prijzig. Voor een organisatie die haar AI-workloads of Workspace-omgeving bij Google heeft, betekent dat twee dingen: reken op voortdurende prijsdruk, en besef dat je op een platform zit dat zijn eigen groei laat voorgaan als de capaciteit knelt.
Dat de rekening ergens landt, voelen bedrijven nu al. Oplopende AI-kosten drijven organisaties richting open-source en Chinese modellen om niet vast te zitten aan één leverancier. De vraag is niet of Google's investering zich terugverdient, maar hoeveel van die 200 miljard dollar per jaar uiteindelijk in de tarieven van zijn klanten terechtkomt.
De negatieve kasstroom is het echte signaal. De hyperscalers geven nu meer uit dan ze verdienen om hun positie in de AI-race vast te houden. Voor de afnemer is dat tegelijk een belofte, meer capaciteit en snellere modellen, en een risico: hoe dieper je op één cloud bouwt, hoe minder ruimte je hebt om weg te lopen als de prijs of de capaciteit tegenzit.
Veelgestelde vragen
Niet vast aan één cloud
De uitgavenrace van de hyperscalers landt uiteindelijk in jouw cloudrekening. Ik help je van meedenken tot bouwen om je systemen en data zo in te richten dat je kunt wisselen van leverancier of zelf kunt hosten, in plaats van vast te zitten aan één platform.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
