Een kwart van de Nederlandse werknemers ervaart actieve steun van de werkgever bij AI-gebruik, terwijl het gebruik zelf in elke sector hoger ligt, blijkt uit DNB-cijfers die vrijdag in ESB verschenen.
Dat verschil is geen meetdetail. Het betekent dat er in elke bedrijfstak werk wordt gedaan met generatieve AI zonder licentie, instructie of training van de werkgever. Wie dat gebruik niet in beeld heeft, weet ook niet welke offertes, klantdossiers of personeelsgegevens er in een gratis chatbot belanden. En de plicht om personeel AI-geletterd te maken ligt sinds februari 2025 bij de organisatie, niet bij de medewerker die zelf begon.
In geen enkele sector houdt de steun gelijke tred
DNB-economen Frank van Moock en Maarten van Rooij zetten AI-gebruik en ervaren werkgeverssteun per sector naast elkaar, op basis van de AI-enquête van DNB onder werkenden uit oktober 2025, afgenomen via het LISS-panel. In alle sectoren gebruiken meer werknemers ChatGPT of Copilot dan er werknemers zijn die zeggen dat hun werkgever dat actief aanmoedigt of faciliteert via trainingen. Het gat bedraagt ruim vijftien procentpunt in de meeste sectoren en loopt op tot bijna dertig procentpunt in het onderwijs en bij de overheid.
De uitersten liggen ver uit elkaar. In de zakelijke dienstverlening gebruikt 82 procent van de werknemers generatieve AI en ervaart 61 procent actieve steun. Bij de overheid is dat 51 tegen 22 procent, in de zorg 37 tegen 15 procent, en in handel, horeca en vervoer 32 tegen 16 procent. Het onderwijs zit met 63 procent gebruik hoog, maar de steun blijft daar op 36 procent steken. Alleen in de financiële sector is het verschil klein: 58 procent gebruik tegen 46 procent steun.
Het patroon zegt ook iets over waar AI landt. Sectoren met veel schrijf-, analyse- en advieswerk scoren op beide cijfers hoog, terwijl handel, horeca, vervoer en zorg achterblijven. De auteurs lezen daarin dat generatieve AI vooral wordt toegepast waar het goed aansluit bij de aard van het werk.

Zeven op de tien werkt zonder betaalde licentie
Een cijfer uit dezelfde enquête maakt concreet waar het gebruik dan wel plaatsvindt: van de werknemers die AI toepassen, zegt drie op de tien een betaalde licentie te gebruiken. Dat zijn overwegend de mensen die wel actieve steun van hun werkgever ervaren. De overige zeven op de tien werken dus met een gratis versie, en daar gelden doorgaans andere voorwaarden voor opslag en verwerking van wat je erin zet dan bij een zakelijke licentie.
Daarmee sluit de meting aan op gedrag dat eerder dit jaar al zichtbaar werd bij werknemers die zelf een abonnement op een AI-tool afsluiten omdat hun werkgever er geen levert. De DNB-cijfers meten de andere kant van dezelfde kloof: niet wat de werkvloer koopt, maar hoe weinig de werkgever eraan te pas komt.
ESB tekent er wel bij aan dat werkgevers niet afwezig zijn. Een bedrijf dat AI op werkapparatuur toestaat zonder het aan te moedigen, telt in deze meting niet mee als actieve steun. De conclusie van de auteurs is dat de verspreiding van AI nu sneller verloopt op individueel niveau dan via bedrijfsbrede training en begeleiding. Het ANP nam die bevinding over: werknemers zijn vaak verder met het toepassen van kunstmatige intelligentie dan hun werkgevers.
De AI-geletterdheidsplicht ligt bij de organisatie
Sinds 2 februari 2025 zijn organisaties die AI-systemen ontwikkelen of gebruiken verplicht om maatregelen te nemen die de AI-geletterdheid van hun medewerkers bevorderen. Dat staat in artikel 4 van de AI-verordening. Welke maatregelen dat precies zijn, laat de wet open, en de Autoriteit Persoonsgegevens adviseert om er een strategische prioriteit met een meerjarig actieplan van te maken.
Een organisatie waar driekwart van de werknemers geen actieve aanmoediging of training ervaart, heeft daar weinig van te tonen. Het gaat niet om een boete van morgen, wel om een dossier: gaat er iets mis of vraagt een klant ernaar, dan moet je kunnen laten zien welke maatregelen er waren en of iemand wist wat de tool met de ingevoerde gegevens doet. Het antwoord begint bij inventariseren wat er al draait en dat vertalen naar een goedgekeurde toollijst met vastgelegde regels over welke data erin mag.
De DNB-meting past in een reeks Nederlandse cijfers die dit jaar steeds hetzelfde patroon laten zien: het gebruik loopt voor, de organisatie eromheen loopt achter. Ook bij softwareontwikkeling geldt dat 84 procent van de organisaties AI inzet terwijl 8 procent de governance formeel heeft vastgelegd. AI-adoptie is in Nederland dus geen investeringsbeslissing die van bovenaf komt, maar een beweging die van onderaf al gaande is. De keuze die een directie nog heeft, is niet of het gebeurt, maar of ze weet waar het gebeurt.
Veelgestelde vragen
Van schaduwgebruik naar werkend beleid
Als jouw mensen al met AI werken zonder dat er iets voor geregeld is, help ik je van meedenken en ontwerp tot realiseren en automatiseren: welke tool waar past, hoe je die veilig koppelt aan je eigen data, en hoe je team ermee leert werken. Self-hosted waar dat kan.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
