Goldman Sachs zet Chinese AI-modellen in een nieuw analyseraamwerk naast de Amerikaanse top, en concludeert dat de sterkste bijna gelijkwaardig presteren tegen 10 tot 25 procent van de prijs. Het rapport, geleid door analist Ronald Keung, rangschikt de aanbieders op prijszetting, kostenvoordeel en financiële kracht.
Voor een Nederlands bedrijf dat AI inkoopt, is dat geen abstracte marktanalyse maar een meetlat. Waar de keuze tussen een Chinees en een Amerikaans model tot nu toe vaak op gevoel of losse benchmarks ging, ligt er nu een cijfermatig kader van een grootbank om prijs en prestatie tegen elkaar af te wegen. De kern van dat kader is een prijskloof die je direct in je AI-begroting terugziet.
Wat Goldman precies vergelijkt
Goldman beoordeelt de Chinese aanbieders op drie assen: prijszettingsmacht, kostenvoordeel en financiële slagkracht. Bij de tekstmodellen ziet de bank Zhipu en DeepSeek als de sterkste namen voor de lange termijn, terwijl ByteDance de toon zet bij multimodale modellen en videogeneratie.
De aanbieders krijgen ook een beleggersoordeel. Zhipu houdt een neutrale weging bij een waardering van 110 miljard dollar, terwijl MiniMax en Kuaishou een koopadvies krijgen. DeepSeek en ByteDance staan niet beursgenoteerd.
De rekensom voor je AI-budget
Het cijfer waar het om draait: een Chinees model uit het hogere segment kost ongeveer 1 dollar per miljoen tokens, tegen 4 tot 8 dollar voor het Amerikaanse equivalent. Dat is die 10 tot 25 procent. Aan de onderkant zakken Chinese modellen naar 0,06 tot 0,20 dollar per miljoen tokens.
Die prijs komt niet uit de lucht vallen. Goldman wijst op zuiniger architecturen: veel Chinese modellen draaien op 2 tot 10 procent van het aantal parameters van hun Amerikaanse tegenhangers en leunen op mixture-of-experts-routing, waarbij per vraag maar een deel van het model wordt aangesproken.

Die prijskloof is geen momentopname. FLOH schreef eerder al dat Chinese open modellen op de OpenRouter-ranglijst 60 tot 90 procent goedkoper draaien dan vergelijkbare Amerikaanse modellen, met een marktaandeel dat boven de 30 procent schommelt tegen zo'n 11 procent een jaar eerder. Goldmans raamwerk legt daar nu een prijs- en kwaliteitsanalyse van een grootbank onder.
Groei aan de ene kant, druk aan de andere
Goldman verwacht dat de omzet uit API's en abonnementen van Chinese modellen groeit van ongeveer 35 miljard renminbi in 2026 naar 879 miljard renminbi in 2030, een geschatte groei van het dagelijkse tokenverbruik met een factor 25 in vier jaar. De bank leest de goedkope, bijna gelijkwaardige modellen dus als een markt die hard opschaalt, niet als een tijdelijke prijsstunt.
Tegelijk trekt de politiek aan de rem. In Washington zoeken Congresleden naar manieren om het zakelijke gebruik van Chinese modellen als DeepSeek en Qwen af te remmen, vanwege zorgen over datasoevereiniteit en afhankelijkheid. Voor een inkoper blijft de afweging dus breder dan prijs en prestatie alleen: herkomst, datalocatie en compliance horen in dezelfde som.
Wat het Goldman-rapport toevoegt, is dat de kostenkant niet langer een gevoel is maar een cijfer van een partij die bedrijven serieus nemen. De vraag voor de komende maanden is niet meer óf Chinese modellen goedkoper en bijna even goed zijn, maar bij welke taken dat prijsverschil groot genoeg is om het herkomstrisico waard te zijn.
Veelgestelde vragen
Kies het juiste AI-model
Ik help je de afweging tussen Chinese, Amerikaanse en Europese modellen concreet maken, van meedenken over de rekensom tot het bouwen en self-hosted draaien van de opstelling die bij jouw data past.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
