Iemand in je team maakt een notebook met de tarieven, de algemene voorwaarden en het personeelshandboek erin, deelt de link met de rest van kantoor, en vanaf dat moment krijgt iedereen antwoord met bronvermelding. Prachtig. Tot de collega die het prijsbestand in Drive nooit mocht openen de pdf-versie ervan gewoon in het notebook staat te lezen.
Dat is geen storing. Het is precies hoe Gemini Notebook werkt, en het is de reden dat de volgorde waarin je dit inricht meer uitmaakt dan de vraag welke documenten je erin zet. Deze gids loopt die volgorde af: eerst vaststellen welke versie je eigenlijk hebt, dan de bronkeuze per document, dan het delen, en pas daarna wat er beslist niet in mag.
Wat een notebook wel en niet is
Gemini Notebook is Google's onderzoeksassistent binnen Workspace, tot deze zomer bekend als NotebookLM. Je maakt een notebook, hangt daar bronnen in (Drive-bestanden, pdf's, webpagina's, video's, geplakte tekst) en stelt daar vragen over. Het model antwoordt alleen uit die bronnen, met inline verwijzingen naar de plek waar het antwoord vandaan komt. Elk notebook staat op zichzelf en kijkt nooit in een ander notebook of in de rest van je Drive.
Google hernoemde NotebookLM naar Gemini Notebook op 16 juli 2026, met de mededeling dat beheerders niets hoeven te doen. Dat klopt technisch, en het is precies waarom dit stuk bestaat: er verandert niets aan je instellingen, dus niemand kijkt ernaar. Bij dezelfde naamswisseling kreeg het notebook de mogelijkheid om code uit te voeren in je notities, voorlopig alleen voor betalende abonnees.
Twee dingen die een notebook níet is. Het is geen zoekmachine over je hele Drive: het ziet uitsluitend wat jij er expliciet in hangt. En het is geen rechtenmodel. Wie het notebook opent, ziet wat erin zit. Die tweede is de dure.
Wat je nodig hebt
Dit is een middag werk voor je eerste notebook, geen project. Wel wil je deze zes dingen paraat hebben voordat je begint.
- De naam van je Workspace-editie. Te vinden in de Admin console onder Facturering en dan Abonnementen. Dit bepaalt letterlijk alles wat hierna komt.
- Beheerderstoegang met het recht op Gemini-instellingen. Zonder dat recht zie je de servicestatus van Gemini Notebook niet eens staan.
- Per onderwerp één afgesproken bronlocatie. Waar staat vanaf nu het enige geldige tarievenblad, de enige geldige werkinstructie?
- Een eigenaar per notebook. Een mens met een naam, niet "de afdeling".
- Een besluit over persoonsgegevens. Wat gaat er sowieso niet in, ongeacht hoe handig het zou zijn.
- Een halfuur per maand. Voor het verversen en het weggooien van oude bronnen. Zonder dat verzandt het geheel binnen een kwartaal.
Stap 1: stel vast welke versie je hebt
Begin hier, want Gemini Notebook is bij Google niet één product maar zes tredes. Ga in de Admin console naar Menu, dan Generatieve AI, dan Gemini Notebook, en klik op Servicestatus. Daar zet je hem aan of uit voor iedereen, of per organisatie-eenheid, of per toegangsgroep. Kun je hem niet aanzetten, dan gelden er beperkingen voor jouw regio.
Op dezelfde pagina staat de matrix die in geen enkele Nederlandse uitleg terugkomt. Gemini Notebook is een kernservice vanaf Business Starter en een aanvullende dienst bij Business Base, Essentials Starter en Workspace Individual. Dat onderscheid is geen semantiek. Bij de kernservice-tredes belooft Google dat je geüploade bestanden, chats en modeluitvoer niet door menselijke beoordelaars worden bekeken en niet worden gebruikt om modellen te trainen. Bij de aanvullende-dienst-tredes val je onder de gewone Google-gebruiksvoorwaarden, waar Google bij feedback die je zelf indient de volledige context van die interactie mag bekijken.
De tweede breuklijn ligt hoger, bij Business Standard. Daar springt de capaciteit met een factor zes.
| Editie | Gemini Notebook | Prijs per gebruiker per maand (jaarcontract, maandelijks gefactureerd) | Bronnen per notebook | Notebooks per gebruiker | Chatvragen per gebruiker per dag | Gegevensbescherming |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Business Base, Essentials Starter, Workspace Individual | Aanvullende dienst | niet in de Workspace-prijslijst | 50 | 100 | 50 | Standaard, feedback kan menselijk worden bekeken |
| Business Starter | Kernservice | € 6,80 | 50 | 100 | 50 | Geen menselijke beoordeling, geen modeltraining |
| Business Standard | Kernservice | € 13,60 | 300 | 500 | 500 | Geen menselijke beoordeling, geen modeltraining |
| Business Plus | Kernservice | € 21,10 | 300 | 500 | 500 | Geen menselijke beoordeling, geen modeltraining |
| Enterprise Standard en Plus | Kernservice | op aanvraag | 300 | 500 | 500 | Geen menselijke beoordeling, geen modeltraining |
De genoemde bedragen zijn de tarieven voor Nederland bij een jaarcontract, maandelijks gefactureerd (gecontroleerd 30 augustus 2026); zonder jaarcontract betaal je circa 16 procent meer. Google draait daarnaast wisselende tijdelijke introductiekortingen voor nieuwe klanten, dus reken je begroting door met de standaardprijs hierboven. Enterprise Starter en Enterprise Essentials zijn ook kernservice, maar zitten qua limieten in dezelfde trede als Business Starter.
Wat je hieruit meeneemt: op Business Starter heb je vijftig bronnen per notebook en vijftig chatvragen per gebruiker per dag. Dat is genoeg voor één afgebakende klus en te weinig voor een bedrijfsbrede kennisbank. Wie dat laatste wil, betaalt de stap naar Standard, niet aan een leverancier maar aan Google.
Stap 2: één notebook per klus, niet één notebook voor alles
De verleiding is een notebook met alles erin. Doe dat niet, en niet alleen vanwege de bronlimiet.
Elk notebook is een eigen antwoordgebied. Het model kan niet in een ander notebook kijken, dus alles wat in hetzelfde notebook zit, concurreert om hetzelfde antwoord. Gooi je de offertesjablonen, de werkinstructies en het personeelshandboek bij elkaar, dan haalt een vraag over garantietermijnen vroeg of laat een zin uit de verkeerde hoek. De inperking is de kwaliteit.
De praktische verdeling voor een MKB-bedrijf ziet er meestal zo uit:
- Tarieven en offertes. Prijsbladen, standaardteksten, kortingsregels, de laatste tien geaccepteerde offertes.
- Werkinstructies. Handleidingen, montagevoorschriften, checklists, veiligheidsinstructies.
- Contracten en voorwaarden. Algemene voorwaarden, mantelovereenkomsten, garantieteksten, verwerkersovereenkomsten.
- Onboarding. Personeelshandboek, verlofregeling, wie doet wat, de eerste-week-checklist.
De harde regel eronder: zodra twee onderwerpen een ander publiek hebben, zijn het twee notebooks. Onboarding mag iedereen zien, de marges in je tarievenblad niet. Dat scheelt je later de discussie die je met een gedeeld notebook niet kunt winnen.
Voordat je iets naar binnen sleept, is dit het moment voor het saaie werk: dubbele en verouderde versies eruit, per onderwerp één bron de waarheid. Een notebook maakt een rommelige bronnenset niet netter, het maakt hem sneller vindbaar.
Stap 3: kies per bron tussen koppelen en uploaden
Dit is de stap waar de meeste mensen overheen kijken, en het is de stap die zowel je veroudering als je zichtbaarheid bepaalt. Een bron is namelijk twee heel verschillende dingen, afhankelijk van hoe je hem toevoegt.
Importeer je een bestand uit Drive, dan blijft het een levende koppeling. Google documenteert dat uit Drive geïmporteerde bronnen elke paar minuten synchroniseren en ontoegankelijk worden zodra je de rechten op het originele bestand verliest of het bestand verdwijnt, en dat dit zowel voor je eigen als voor gedeelde notebooks geldt. Een ontoegankelijke bron telt nog wel mee voor je bronlimiet, maar wordt niet meer gebruikt in antwoorden.
Upload je een pdf, plak je tekst of voeg je een webpagina toe, dan maakt Gemini Notebook een kopie. Die kopie bevriest op het moment van toevoegen en hangt niet meer aan een rechtenmodel. Iedereen met wie je het notebook deelt, leest die kopie.
Daar zit de hele deelval in, en hij is preciezer dan de folklore. Het is niet zo dat een notebook alle rechten omzeilt. Het is zo dat je Drive-rechten alleen meereizen bij bronnen die je uit Drive importeert, en niet bij bronnen die je uploadt of plakt.
De werkregel: alles wat verandert of gevoelig is gaat via Drive naar binnen, alles wat definitief en oninteressant is mag je uploaden. Zet een leverancierscatalogus die je van internet plukt gerust als losse pdf erin. Zet je eigen tarievenblad nooit als upload erin.
Let daarbij op de grenzen per bron. Elk bestand mag tot 500.000 woorden of 200 MB zijn, een Google-presentatie tot honderd dia's, en een Google Spreadsheet wordt afgekapt op honderdduizend tokens. Dat laatste betekent dat een grote prijstabel in Sheets stilletjes halverwege ophoudt. Knip die dan op, of exporteer een schone csv.
Stap 4: deel het notebook, en weet wat je weggeeft
Delen gaat via de knop Delen rechtsboven. Je geeft per e-mailadres Viewer- of Editor-rechten, of je kopieert een link. Het slotje naast die knop betekent privé, het personen-icoon betekent individueel gedeeld, en een wereldbol betekent openbaar.
Wat elk recht werkelijk betekent:
- Viewer. Google omschrijft dit als leesrechten op alle brondocumenten en notities in het gedeelde notebook. Alle, niet de bronnen waar die persoon zelf recht op heeft. Onderwijstechnoloog Graham Clay liep de deelopties in februari 2025 zelf na en hield er precies twee over: volledige toegang waarbij je medegebruikers al je bronnen zien, of een chatweergave zonder de ruwe documenten. Een tussenstand waarin een kijker maar een deel van de bronnen ziet, bestaat niet.
- Editor. Mag bronnen en notities toevoegen én verwijderen, en mag het notebook verder delen met anderen.
- Chat View. De link naar de kale chatweergave verbergt de bronnen, maar trekt de onderliggende toegang niet in. Google waarschuwt zelf dat kijkers alsnog bij het verborgen materiaal kunnen komen, en de IT-dienst van de Universiteit van Michigan noteert in haar kennisbank dat die chatweergave-link in een omgeving zonder de betaalde chat-only-functie bij het verversen van de pagina gewoon terugklapt naar de volledige notebookweergave.
- Kopieën toestaan. Staat dit vinkje aan, dan kan iedereen met wie je deelt het hele notebook dupliceren, inclusief de bronnen. Staat het uit, dan kunnen ze nog steeds de inhoud kopiëren waar ze bij kunnen.
En de scherpste: alleen eigenaren en editors kunnen een openbare deellink maken. Wie je Editor maakt, kan je interne kennisbron met één klik op "Iedereen met de link" zetten, zichtbaar voor elke ingelogde Google-gebruiker. Geef Editor daarom alleen aan de persoon die de bronnen beheert, en zet de rest op Viewer.
Dit is ook precies waarin Google en Microsoft verschillen. Bij Microsoft geldt dat Copilot alleen organisatiedata toont waarop de gebruiker zelf al leesrechten heeft, waardoor je opruimwerk daar over machtigingen gaat. Bij Gemini Notebook is het omgekeerd: jij bepaalt bij het samenstellen van het notebook wie wat ziet, want het notebook zelf doet dat niet voor je. Vertrouw dat verschil niet op mijn woord: maak één testaccount zonder rechten op je gevoeligste bronbestand, deel het notebook ermee, en kijk wat die gebruiker ziet.
Stap 5: leg vast wie ververst en wie opruimt
Een notebook veroudert op twee manieren, en de tweede is de sluipende.
De eerste is opgelost als je stap 3 goed deed: Drive-bronnen synchroniseren zichzelf. De tweede niet. Zodra iemand naast "Tarieven 2026" een nieuw bestand "Tarieven 2027 definitief" aanmaakt, blijft het notebook keurig het oude bestand verversen. De koppeling werkt, het antwoord is verouderd, en niets in de interface vertelt je dat.
Dus: één bronhouder per notebook, een vaste cadans (maandelijks voor tarieven, per kwartaal voor werkinstructies, bij elke wijziging voor voorwaarden), en de regel dat een nieuwe versie het oude bestand vervángt in plaats van ernaast komt te staan. Verwijder de oude bron ook echt uit het notebook. Hij telt anders mee voor je limiet en blijft meepraten in antwoorden.
Twee dingen om hier bij te weten. Verwijderde notities kun je niet terughalen, Google biedt daar geen herstel voor. En er is geen overdrachtsfunctie voor eigenaarschap: Drive-bestanden kan een beheerder overzetten naar een nieuwe eigenaar, notebooks niet. Vertrekt de eigenaar, dan vertrekt het notebook. De enige praktische verzekering is een tweede persoon als Editor en de brondocumenten in een gedeelde Drive, niet in iemands persoonlijke map.
Stap 6: wat er niet in mag
Nu de kortste lijst met de grootste gevolgen. Vier categorieën horen niet in een gedeeld notebook, en drie ervan hebben niets met vertrouwen in Google te maken maar met wat de dienst simpelweg niet doet.
Persoonsgegevens. De Autoriteit Persoonsgegevens waarschuwde al in augustus 2024 dat zij meerdere meldingen kreeg van datalekken doordat medewerkers persoonsgegevens van patiënten of klanten met een AI-chatbot deelden. Een gedeeld notebook maakt dat erger dan een losse chat, want de gegevens blijven staan en zijn doorzoekbaar voor iedereen met wie je deelt. Personeelsdossiers, verzuim, klantdossiers met bijzondere gegevens: niet doen.
Alles wat binnen je dataregio moet blijven. Dit is de verrassing voor Nederlandse organisaties. Google schrijft in de beheerdersdocumentatie dat de dataregio-instellingen van je organisatie niet gelden voor data die Gemini Notebook verwerkt en cachet, en de officiële dekkingstabel noemt de Gemini-app en Gemini in Workspace wel als gedekte kernservices, Gemini Notebook niet. Heb je dataregio's ingesteld omdat een klant of aanbesteding dat eist, dan valt je notebook daarbuiten.
Alles met een bewaar- of vindplicht. Google Vault kan berichten uit de Gemini-app bewaren, vasthouden, doorzoeken en exporteren, maar de lijst met door Vault ondersteunde diensten noemt Gemini Notebook niet. Voor eDiscovery, retentieregels of een juridische hold bestaat de inhoud van je notebooks dus niet. Behandel het als een werkinstrument, nooit als archief.
Documenten van derden waarvoor je de rechten niet hebt. Google zegt het zelf in de hulppagina bij bronnen: upload geen documenten waar je geen rechten op hebt. Offertes van leveranciers onder geheimhouding, ingekochte rapporten, materiaal van een klant dat je niet mag verspreiden: dat verdraagt zich slecht met een notebook dat je vervolgens met kantoor deelt.
Een bruikbare vuistregel komt van universitaire IT-afdelingen die dit al voor duizenden gebruikers hebben moeten uitzoeken. De IT-dienst van de Universiteit van Michigan stelt in haar kennisbank, geraadpleegd augustus 2026, dat Gemini Notebook goedgekeurd is voor dezelfde soorten gevoelige gegevens als het Google-account zelf. Vertaald naar jouw situatie: het notebook erft de classificatie van je Workspace-omgeving en verbetert die nergens. Wat je niet in een gedeelde Drive-map zou zetten, hoort ook niet in een gedeeld notebook.
Valkuilen
De faalmodi die ik in de praktijk zie, met de bijbehorende ingreep.
- Het notebook als rechtenmodel gebruiken. "We zetten er alles in en delen het met het hele team" werkt precies zolang niemand doorheeft dat de marges erin zitten. De ingreep is splitsen op publiek, niet op onderwerp.
- Editor als standaardrecht uitdelen. Een Editor kan het notebook openbaar maken en bronnen verwijderen. Eén Editor per notebook, de rest Viewer.
- De oude versie ernaast laten staan. Twee prijsbladen in één notebook levert twee even zelfverzekerde antwoorden op. Vervang, verwijder, en noteer de datum in de notebooktitel.
- Het notebook volgooien tot de limiet. Vijftig bronnen op Business Starter voelt als een uitdaging, maar elke extra bron verdunt het antwoord. Minder bronnen die kloppen verslaan meer bronnen die er ook nog zijn.
- De bronverwijzing niet openklikken. Het model antwoordt met citaties naar de precieze passage. Dat is de enige controle die je hebt, en hij kost drie seconden. Sla je die over, dan bouw je vertrouwen op iets wat je nooit hebt gecontroleerd.
- Aannemen dat het bewaard blijft. Geen Vault, geen herstel van verwijderde notities, geen eigenaarsoverdracht. Het notebook is een gereedschap, de brondocumenten in Drive zijn je archief.
Beslis-kader: notebook, of toch iets anders
Vier vragen bepalen of je hiermee klaar bent of dat je verder moet kijken. Loop ze in deze volgorde af, want de eerste die "nee" oplevert is meteen je antwoord.
Mag iedereen die de kennisbron gebruikt alles zien wat erin zit? Zo niet, dan is een gedeeld notebook per definitie het verkeerde gereedschap. Splits per publiek, of verplaats de kennis naar een tool die rechten per pagina kent, zoals een Notion-kennisbank die via Slack automatisch wordt bijgewerkt.
Komt het antwoord uit documenten, of uit systemen? Documenten die af en toe veranderen zijn de thuiswedstrijd van een notebook. Voorraadstanden, openstaande orders, klantgegevens uit je CRM: daar heb je een koppeling voor nodig, en dan zit je in het gebied van een eigen zoekopzet op je bedrijfskennis, met de vraag of dat de bouwkosten waard is.
Blijf je onder de bronlimiet van je editie? Vijftig per notebook op Starter, driehonderd op Standard en hoger. Zit je erboven, dan is opsplitsen in meer notebooks bijna altijd beter dan upgraden, want kleinere notebooks geven scherpere antwoorden.
Heb je bewaarplicht, dataregio-eisen of auditbewijs nodig? Dan houdt het hier op. Niet omdat de techniek tekortschiet, maar omdat de dienst die functies niet heeft.
| Gedeeld notebook | Kennisbank in een samenwerkingstool | Eigen zoekopzet op je data | |
|---|---|---|---|
| Voorbeeld | Gemini Notebook, per klus | Notion of Confluence met een AI-zoeklaag | Eigen RAG-koppeling op Drive, CRM en boekhouding |
| Opstarttijd | Een middag | Enkele dagen tot weken | Weken |
| Kosten | Zit in je Workspace-licentie | Abonnement per gebruiker | Ontwikkeling plus hosting |
| Rechten per persoon | Nee, iedereen ziet alles in het notebook | Ja, per pagina of ruimte | Ja, tot op documentniveau |
| Live systeemdata | Nee, alleen documenten | Beperkt | Ja |
| Bewaren en exporteren | Niet via Vault | Via de tool zelf | Zelf te bepalen |
| Bronlimiet | 50 tot 300 per notebook | Praktisch onbeperkt | Praktisch onbeperkt |
Mag iedereen die de kennisbron gebruikt alles zien wat erin zit?
Uitgewerkt voorbeeld: een installatiebedrijf met veertien monteurs
Neem een installatiebedrijf op Business Starter, veertien medewerkers, waarvan er negen buiten rondrijden. De vraag die de planner drie keer per dag krijgt: geldt op deze ketel nog garantie, en wat is het uurtarief buiten kantooruren?
De oude situatie is herkenbaar. Twee mappen in Drive, een gedeelde schijf met vier versies van hetzelfde tarievenblad, en één collega die het antwoord uit haar hoofd weet.
De inrichting kost een middag en ziet er zo uit.
Twee notebooks, niet één. Werk in het veld krijgt de montagevoorschriften, de garantieteksten per fabrikant en de veiligheidsinstructies: 31 bronnen, gedeeld met alle veertien medewerkers als Viewer. Tarieven en offertes krijgt het tarievenblad, de kortingsstaffel en de laatste tien geaccepteerde offertes: 13 bronnen, gedeeld met de drie mensen die offertes maken. Beide blijven ruim onder de vijftig bronnen die Business Starter per notebook toestaat, en de marges zitten niet in het notebook dat de monteurs openen.
De bronkeuze volgt stap 3. Het tarievenblad, de kortingsstaffel en de garantieteksten staan als Google Docs in een gedeelde Drive-map en worden daaruit geïmporteerd, zodat ze zichzelf verversen. De fabrikantshandleidingen zijn pdf's die niet meer veranderen en gaan als upload naar binnen. De offertes worden geëxporteerd naar pdf met de klantnaam en het adres eruit, want daar zit het verschil tussen een sjabloonvoorbeeld en een klantdossier.
Het beheer is één regel per notebook. De bedrijfsleider is eigenaar van beide, de calculator is Editor van het tarievennotebook, en niemand anders heeft meer dan Viewer. Op de eerste maandag van de maand loopt de bedrijfsleider de bronnenlijst langs, vervangt wat is gewijzigd en gooit eruit wat niet meer geldt. Twintig minuten.
En wat er niet in ging: het personeelsdossier, de verzuimregistratie, en de raamovereenkomst met een aannemer die onder geheimhouding staat. Die laatste is de interessantste, want hij zou het beste antwoord op de meeste vragen geven. Precies daarom is hij het gevaarlijkst in een notebook dat je met veertien mensen deelt.
Vijftig chatvragen per gebruiker per dag klinkt karig tot je narekent wat een monteur echt opzoekt. Twee tot drie keer, hooguit. De dag dat de planner er zelf tegenaan loopt, is de dag dat de stap naar Business Standard zichzelf uitrekent.
Waar dit ophoudt
Wat je hiermee bouwt is geen kennissysteem. Het is een gedeeld leesbril op een handjevol documenten die je zelf hebt uitgekozen, in een omgeving die je al betaalt, en dat is precies de reden dat het werkt: er is niets te onderhouden behalve je eigen discipline.
De grens is scherp en het is nuttig om hem te kennen voordat je hem raakt. Zodra het antwoord uit een systeem moet komen in plaats van uit een document, zodra twee groepen mensen verschillende dingen mogen zien binnen dezelfde kennis, of zodra iemand kan vragen wat het notebook vorig jaar antwoordde, ben je aan de andere kant van de lijn. Dan praat je over ophalen uit je eigen bronnen met rechten en logging eromheen, en dat is een bouwklus met een eigen stappenplan, geen instelling in een menu.
De meeste bedrijven zitten nog lang niet aan die grens. Ze zitten aan de andere kant van het probleem, waar vier versies van hetzelfde tarievenblad naast elkaar staan en niemand weet welke geldt. Dat los je niet op met een groter model. Dat los je op door te kiezen welke documenten meetellen, en dat besluit één keer per maand opnieuw te nemen.
Veelgestelde vragen
Kennis die verder moet
Een notebook is de gratis helft van het verhaal. Zodra rechten per persoon, live systeemdata of een bewaarplicht meespelen, denk ik met je mee over de opzet en bouw ik hem end-to-end op je eigen bronnen.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
