Nvidia ontkent dat het eind dit jaar een China-specifieke inferentiechip levert, nadat The Information op basis van twee eigen medewerkers meldde dat er al kleine partijen klaarliggen voor Chinese klanten.
Daarmee staat het feit zelf ter discussie, en voor wie in Nederland inferentie inkoopt is het voorlopig dus een scenario en geen verandering. Klopt het bericht, dan legt de Chinese markt straks opnieuw beslag op precies de inferentiecapaciteit waar Europese aanbieders uit putten, en dat wordt het eerst zichtbaar in levertijden en in de prijs per miljoen tokens. Houdt de ontkenning stand, dan blijft Nvidia's snelste inferentielijn voorlopig op westerse datacenters gericht. Beide uitkomsten draaien om dezelfde vraag: wie mag aanspraak maken op schaarse rekenkracht voor het uitserveren van modellen.
Wat The Information meldt
Het bericht steunt op twee medewerkers van Nvidia. Volgens hen gaat het om een language processing unit, kortweg LPU: een chip die naast de gpu's de antwoorden van AI-chatbots versnelt en op van Groq gelicentieerde techniek rust. Nvidia zou er eind 2026 kleine partijen van uitleveren, meerdere Chinese klanten zouden al besteld hebben, en het ontwerp zou binnen de Amerikaanse exportregels vallen.
Het interessantste detail zit in de software. Omdat Nvidia's Vera Rubin-systeem door de Amerikaanse beperkingen niet naar China kan, zou de LPU zijn aangepast om samen te werken met processors die in China wel verkrijgbaar zijn. Of Peking de verkoop zou goedkeuren, is een aparte vraag die daarmee nog niet beantwoord is.
Wat Nvidia zegt
Een woordvoerder noemt de berichtgeving onjuist en zegt dat het bedrijf vandaag geen LPU-verkoop in de Chinese markt heeft en geen China-specifiek LPU-product op zijn roadmap. Dat is een strakke formulering: ze ontkent een China-specifiek product en de huidige verkoop, niet dat er in Santa Clara aan varianten wordt gerekend. Nvidia sprak zich niet uit over de bestellingen die The Information noemt.
De ontkenning past wel in het beeld dat het bedrijf zelf schetst. Topman Jensen Huang zei in mei dat Nvidia de Chinese markt voor geavanceerde AI-chips grotendeels aan Huawei heeft gelaten. De Amerikaanse exportregels duwen het aanbod ondertussen richting regio-specifieke configuraties en kleinere productieruns in plaats van een standaardproduct, precies het patroon waar zo'n China-LPU in zou passen.
Waarom uitgerekend een LPU
Een LPU is geen theoretisch product. Nvidia voert hem in het eigen aanbod als Groq 3 LPX, de inferentieversneller bij het Vera Rubin-platform: 256 LPU-versnellers per rack, 128 GB SRAM en 12 TB DDR5, voor modellen tot twee biljoen parameters met een contextvenster tot 400.000 tokens. In combinatie met een Vera Rubin NVL72 claimt Nvidia 35 keer meer doorvoer per megawatt op modellen van een biljoen parameters. Dat is geen trainingsargument maar een inferentie-argument: meer antwoorden uit dezelfde stroomaansluiting.
Die techniek is gekocht, niet zelf bedacht. Groq gaf Nvidia op 24 december 2025 een niet-exclusieve licentie op zijn inferentietechnologie, waarna oprichter Jonathan Ross en president Sunny Madra naar Nvidia vertrokken. Precies omdat het product aan Vera Rubin hangt, is een China-versie alleen denkbaar als je hem loskoppelt van hardware die China niet mag hebben. Dat is exact de aanpassing die The Information beschrijft, en exact het punt dat Nvidia ontkent.

Waar een Nederlandse inkoper dit zou merken
Het effect loopt niet via je leverancier maar via de wachtrij erachter. Inferentiesilicium komt uit een beperkt aantal fabrieken en verpakkingslijnen, en elke order die naar China gaat, staat vooraan bij dezelfde capaciteit. Diezelfde beweging speelde twee dagen geleden al aan de gpu-kant, toen Peking ByteDance en Tencent elk zo'n tienduizend H200-chips binnenliet terwijl Amerikaanse vergunningen aankopen tot honderdduizend per bedrijf toestaan.
De omvang blijft voorlopig bescheiden. The Information heeft het over kleine partijen, en Nvidia's positie in China is dun geworden: Huawei's Ascend 950 benadert de prestaties van de H200 en Nvidia's aandeel in de Chinese AI-chipmarkt zakt dit jaar richting 8 procent, tegen ongeveer 40 procent in 2025. Een terugkeer op de Chinese inferentiemarkt zou dus eerder een nieuwe claim op capaciteit zijn dan een herstel van oude verkoopvolumes.
Voor Europese afnemers zit de gevoeligheid in het feit dat de LPU-lijn nu juist de goedkope-tokenkant bedient. Dat is dezelfde beweging die je ziet bij aanbieders die op deze techniek bouwden: Groq haalde in augustus 350 miljoen dollar op en breidt zijn inference-cloud uit op Nvidia-hardware, met Europese capaciteit in Helsinki. Wie snelle tokens inkoopt, koopt in de praktijk een plek in dezelfde rij.
Een ontkenning is geen sluiting
Wat dit voorval vooral laat zien, is hoe kort de houdbaarheid van een chip-roadmap is geworden. Persbureau Reuters meldde in maart al dat Nvidia aan een China-geschikte variant werkte, het bedrijf kreeg in mei toestemming voor H200-verkoop aan een handvol Chinese bedrijven, en zag Peking die chips pas deze maand echt binnenlaten. In zo'n tempo sluit de uitspraak dat een product vandaag niet op de roadmap staat, hetzelfde product over een kwartaal niet uit.
Voor een inkoper telt daarom niet welke chip er uiteindelijk komt, maar dat de leverbaarheid ervan door twee regeringen wordt bepaald en niet door de markt. Een AI-budget dat rust op de aanname dat rekenkracht per token elk jaar goedkoper wordt, leunt op iets wat in Washington of Peking binnen een week kan kantelen.
Veelgestelde vragen
Grip op je AI-rekening
Als de prijs van tokens door politiek wordt bepaald, wil je zelf kunnen kiezen welk model welk werk doet. Ik denk mee over die opzet, ontwerp hem en bouw hem af, self-hosted waar dat kan.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
