Z.ai boekte in het eerste halfjaar van 2026 een omzet van 953,9 miljoen yuan, ongeveer 142 miljoen dollar en bijna vijf keer zoveel als een jaar eerder, en haalde 86,5 procent daarvan uit zijn open platform en API.
Voor een Nederlands team dat GLM in zijn stack overweegt, verschuift daarmee de vraag onder de inkoopbeslissing. Die ging tot nu toe over tokenprijs en benchmarkscores. Nu ligt er een halfjaarbericht dat laat zien waar dit lab zijn geld verdient: aan het endpoint dat het zelf draait, niet aan de gewichten die je op eigen hardware zet. De omzet uit modellen die bij de klant op locatie worden geïnstalleerd zakte juist met 54,6 procent naar 67 miljoen yuan. De leveringsvorm die je data binnen je eigen muren houdt, is precies het deel van het bedrijf dat krimpt.

Bijna alle groei zit in één segment
Het open platform en de API brachten 825,2 miljoen yuan op, 86,5 procent van de totale omzet tegen 15,2 procent een jaar eerder. Het segment bedrijfsagents groeide met 304,4 procent naar 55,6 miljoen yuan. Wat overblijft is de oude praktijk: algemene modellen die per klant worden uitgerold, en dat deel meer dan halveerde. Z.ai schrijft dat de omzetmix in het halfjaar verschoof van installaties op locatie naar API-diensten die per aanroep worden afgerekend, met programmeren als belangrijkste toepassing.
Het gebruik beweegt mee. Het GLM MaaS-platform telde eind juni ruim 5,8 miljoen zakelijke gebruikers en ontwikkelaars, en op de dag van het halfjaarbericht ruim 7,4 miljoen.
Die ommezwaai kwam er onder druk. Begin 2025 trok DeepSeek bijna 30 procent van de klanten uit de maatwerkpraktijk weg, waarna Z.ai zijn zwaartepunt verlegde van projecten bij klanten naar modellen als dienst. Een project schaalt met koppen, een endpoint met een meter die loopt.
De marge is dun en het verlies blijft groot
Op het API-segment kwam de brutomarge uit op 24,6 procent, ongeveer 25 procentpunt hoger dan een jaar eerder. Van elke yuan API-omzet blijft na directe kosten dus ruwweg een kwart over. Dat is geen softwaremarge maar de marge van een partij die rekenkracht doorverkoopt tegen scherpe prijzen. De brutowinst over het hele bedrijf kwam uit op 251,6 miljoen yuan, 163,7 procent meer dan een jaar eerder.
Onder de streep staat nog steeds rood. Het nettoverlies daalde met 12,1 procent naar 2,07 miljard yuan, terwijl het aangepaste nettoverlies de andere kant op bewoog en met 12,1 procent steeg naar 1,96 miljard. De R&D-uitgaven stegen met 33,6 procent naar 2,13 miljard yuan, ruim twee keer de halfjaaromzet. J.P. Morgan rekent op 5 miljard yuan omzet over heel 2026 en een aangepaste winst pas in 2028, aldus Reuters.
De schaal blijft klein naast de Amerikaanse labs. Branchegenoot MiniMax meldde vorige week een halfjaaromzet van 116,6 miljoen dollar, terwijl Anthropic eind juli op een jaarlijkse omzetsnelheid van meer dan 65 miljard dollar zat en OpenAI eerder dit jaar boven 25 miljard uitkwam. Een leverancier die 142 miljoen dollar per halfjaar omzet en 2 miljard yuan verlies draait, leunt voorlopig op kapitaal, niet op zijn operatie.
Goedkopere tokens uit Chinese chips
Z.ai zegt inferentie op grote schaal te draaien op een cluster van meer dan 100.000 binnenlandse chips, en dat de kostprijs per token sinds begin dit jaar met 80 procent is gedaald. Dat verklaart waar de ruimte voor prijsverlagingen vandaan komt, en waarom het bedrijf de Amerikaanse exportbeperkingen op geavanceerde chips vooral als een planningsprobleem behandelt. Dezelfde beweging was in augustus al zichtbaar toen Z.ai GLM-5.3-Flash onder MIT-licentie op Hugging Face zette, een goedkoper model dat volgens Reuters volledig met Chinese chips is getest.
Dat de commerciële zwaartekracht bij de API ligt, was diezelfde maand al te merken toen Z.ai de gewichten van GLM-5.3 twee weken achterhield terwijl het model via de eigen API meteen draaide. Wie toen wilde meedoen, deed dat via een endpoint waar de verwerking onder Chinees recht valt.
De kassa staat bij het endpoint
De cijfers maken dit lab niet minder aantrekkelijk. Ze laten zien waar de zwaartekracht ligt. De gewichten blijven de etalage, gratis en goed voor de reputatie, maar de omzet komt binnen bij het endpoint. Precies daar lopen open gewichten en soevereiniteit uit elkaar: hetzelfde model als gehoste dienst afnemen levert een goedkoper model op, geen zeggenschap over jurisdictie.
Een aanbieder die 86,5 procent van zijn omzet uit een endpoint haalt en zijn praktijk op locatie ziet halveren, zal komende releases voor dat endpoint blijven optimaliseren: eerst de API, dan de gewichten, en de scherpste prijs voor wie meedraait op zijn cluster. Voor wie de gewichten zelf wil blijven draaien is dat geen breuk, maar wel een richting. De vraag verschuift van wat het model kan naar hoe lang de zelf te draaien variant nog gelijk optrekt met de gehoste.
Veelgestelde vragen
Modelkeuze zonder vastgeroeste stack
Als de prijs, de licentie of de jurisdictie van je model verandert, wil je kunnen wisselen zonder je halve applicatie te herbouwen. Ik denk mee over die keuze, ontwerp de laag eromheen en bouw en automatiseer het geheel, self-hosted waar dat kan.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
