Tekst uit Claude Fable 5.1 draagt sinds 1 september een onzichtbaar watermerk, meldt Anthropic op zijn helppagina, maar het aflezen van dat merkteken blijft in besloten preview voor een vaste lijst organisaties.
Voor een bureau of een team dat AI-tekst levert of inkoopt is dat een informatieverschil in je nadeel. Je offerteteksten, klantmails en rapporten uit Claude zijn vanaf nu machineleesbaar herkenbaar als door Claude verwerkt, en de partijen die dat kunnen controleren zijn precies degenen die je erop kunnen aanspreken: toezichthouders, opsporingsdiensten, redacties, factcheckers, onafhankelijke onderzoekers, onderwijsinstellingen en Europese maatschappelijke organisaties. Zelf een aangeleverde tekst toetsen kan niet, tenzij je onder de AI-verordening een eigen verificatieplicht hebt en toegang aanvraagt.
Twee modellen markeren nu, de rest volgt
Anthropic noemt voor het eerst welke modellen het merkteken echt dragen: Fable 5.1 en Mythos 5.1, allebei op 1 september uitgekomen. Daarmee is de peildatum uit de Europese gedragscode praktijk geworden. Claude-modellen die op of na 2 augustus 2026 uitkomen markeren vanaf de lancering, oudere modellen nog niet, en voor die laatste zegt het bedrijf te werken aan ondersteuning binnen de overgangstermijn die de wet biedt.
Voor Nederlandse teams gaat het in de praktijk om Fable 5.1. Mythos 5.1 blijft achter een toelatingsprogramma voor gescreende cyber- en levenswetenschappelijke organisaties, voorlopig alleen in de Verenigde Staten. Fable 5.1 staat wel gewoon in de producten, hetzelfde model dat cache reads 75 procent goedkoper maakt, naar 0,25 dollar per miljoen tokens.
De dekking is breed. Het merkteken zit in de uitvoer van ondersteunde modellen in Claude Platform (de API), Claude, Claude Code, Claude Cowork en Claude Tag, en ook wanneer je die modellen via AWS, Google Cloud of Microsoft Foundry afneemt. Toen Anthropic drie weken geleden het watermerk op modelniveau aankondigde, wereldwijd en zonder opt-out, paste nog geen enkel model het toe. Nu wel.
De detectie-API is er, maar niet voor gewone bedrijven
De API waarmee je een tekst op het merkteken kunt nakijken is vrijgegeven in besloten preview. Toegang gaat naar organisaties die daar onder EU-recht aanspraak op maken, plus bedrijven die zelf onder de AI-verordening moeten kunnen aantonen dat ze watermerken verifiëren. Belangstelling registreer je via een aanvraagformulier, en Anthropic zegt de toegang na verloop van tijd te verbreden.
Dat stelt bij wat de in augustus aangekondigde detectie-API zonder releasedatum in het vooruitzicht stelde. Het wordt geen brede voorziening waarmee elk bedrijf de herkomst van aangeleverd werk kan checken, maar een gesloten kring met een wachtlijst. Dat een model zijn woordkeuze mede op een sleutel baseert in plaats van alleen op betekenis kan de tekstkwaliteit raken, een bezwaar dat sceptici bij deze vrijgave herhalen.
Bestanden kun je wel zelf controleren
Voor bestanden ligt het anders. Anthropic zet een gratis controle online waarmee je een bestand op een Content Credential van Claude kunt nakijken, zonder account. De tool accepteert afbeeldingen (jpg, png, gif, webp, tiff, heic, avif, svg, dng, jxl) en video- en audiobestanden (mp4, mov, avi, wav, mp3, m4a, flac) tot 100 MB, leest alleen het ingebedde certificaat en bewaart het bestand niet. Tekst kun je er niet in plakken.

Wat een treffer wel en niet zegt
Een gevonden merkteken zegt dat content door Claude is verwerkt, niet dat Claude de auteur is. Wie eigen tekst laat proeflezen, vertalen of samenvatten krijgt output terug die het merkteken draagt terwijl de inhoud van hemzelf komt. Andersom bewijst het ontbreken van een merkteken niets. Zwaar herschreven of geparafraseerde tekst laat te weinig signaal over, bestandsmetadata verdwijnt bij een formaatconversie of een screenshot, en het merkteken is volgens Anthropic dunner op feitelijke passages, waar minder woordkeuzes vrij zijn zonder de juistheid aan te tasten. Op korte fragmenten is de uitslag om dezelfde reden onbetrouwbaar.
In sectoren waar klanten AI-gebruik contractueel uitsluiten verandert dit de bewijspositie. De advocatuur kreeg daar in augustus al een waarschuwing over: alles wat een kantoor oplevert met Claude-output erin laat zich achteraf als zodanig herkennen, tot en met oude sjablonen die in een nieuw contract terechtkomen. Voor een communicatiebureau met een klant die AI-tekst niet accepteert werkt het niet anders.
Waar dit heen wijst
In drie weken schoof het merkteken van aankondiging naar praktijk. Op 11 augustus stond het op papier, op 14 augustus lag de techniek erachter open, en sinds 1 september zit het in de tekst die uit Claude komt. De leesbare helft blijft achter, en dat is geen slordigheid maar het ontwerp: artikel 50 legt de markeerplicht bij de modelaanbieder en de controle bij wie toezicht houdt, niet bij de markt.
Zolang die kring gesloten is, verandert er aan de inkoopkant weinig. Een opdrachtgever kan een aangeleverde tekst niet zelf nakijken, dus blijft de afspraak over AI-gebruik een contractuele kwestie in plaats van een controleerbare. Je eigen kant van de transparantieplicht schuift er evenmin door op: de zichtbare meldplicht bij chatbots en AI-content, en een AI-register met één aangewezen eigenaar ligt nog steeds bij de partij die de tekst publiceert. Verbreedt Anthropic de toegang zoals aangekondigd, dan wordt "hier kwam geen AI aan te pas" van een belofte een toetsbare bewering.
Veelgestelde vragen
Herkomst vastleggen in je proces
Wie AI-tekst levert of inkoopt, wil kunnen laten zien waar een stuk vandaan komt. Ik denk mee over die werkwijze en bouw de vastlegging in je eigen systemen, van ontwerp tot werkende automatisering, self-hosted waar dat kan.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
