FLUX 3 Image Klein krijgt open gewichten: Black Forest Labs publiceert op 15 oktober een beeldmodel van 5,6 miljard parameters voor lokale generatie en bewerking tot 4K.
Marketing- en e-commerceteams kunnen het model binnen hun eigen IT-omgeving draaien. Prompts en productreferenties hoeven dan niet naar een externe API, als de volledige verwerking lokaal blijft. De GPU, de inrichting en de commerciële licentie bepalen of dat in een productieproces past.
Van API naar gewichten op eigen hardware
De release volgt op de API-versie van FLUX 3 Image, die vanaf 1 oktober uitvoer tot 4K, tien referentiebeelden en bewerkingen in meerdere rondes bood. Nu kunnen teams het model ook zelf uitvoeren.
Klein bestaat uit een basismodel voor fijntraining en een afgeslankte versie voor snellere generatie. BFL levert FP8-, INT8- en NVFP4-uitvoeringen. Het model kan beelden uit tekst maken, bestaande beelden aanpassen en tot tien referenties combineren. Kaders bepalen waar onderdelen komen of welk gebied wordt bewerkt. Dit is de tweede gewichtenrelease in de FLUX 3-familie, na het 7 miljard-parameter FLUX 3 Action-model voor robotbesturing.
Een lokale uitvoering verandert ook de route van bronmateriaal. Wie interne productfoto’s of ongepubliceerde campagnebeelden gebruikt, kan die bestanden binnen de eigen omgeving houden als het model daar draait. Bij de API-route geven de EU-voorwaarden BFL een wereldwijde, eeuwigdurende licentie op invoer en uitvoer, ook voor modeltraining. De keuze tussen API en lokaal raakt dus zowel de technische inrichting als de afspraken rond beeldmateriaal.

Een RTX 4070 maakt een beeld van één megapixel in 8,9 seconden
De generatorgewichten nemen 11,2 GB in BF16 of 5,6 GB in FP8 in. Met de INT8-uitvoering kan Klein volgens BFL op NVIDIA GeForce RTX-kaarten met minimaal 8 GB videogeheugen draaien. Die 8 GB geldt dus voor een specifieke uitvoering, niet voor elke precisie of configuratie.

In de test van de afgeslankte versie duurde tekst-naar-beeld op 1024 bij 1024 pixels 8,9 seconden op een RTX 4070. Bewerken op die resolutie kostte 18,9 seconden. Bij 2048 bij 2048 pixels liepen die tijden op tot 50,4 en 150 seconden. Dezelfde test noemt ongeveer vier seconden voor een beeld van één megapixel op een RTX 5090.
NVIDIA mat de snelste geteste uitvoering per kaart, met 16 stappen en één beeld per run. De tijden tellen alleen het werk op de GPU, niet het openen van bestanden, wachtrijen, kwaliteitscontrole of doorzetten naar een publicatiesysteem. De cijfers tonen dus een lagere hardwaredrempel, geen totale productietijd.
De omzetgrens laat ruimte voor output
De FLUX Kommunity License staat commerciële generatie toe aan gebruikers met minder dan US$5 miljoen bruto geannualiseerde omzet, inclusief gelieerde bedrijven. Zo’n gebruiker mag het model in productie draaien om die outputs te maken. De basismodelkaart op Hugging Face vraagt akkoord voor het delen van contactgegevens voordat de gewichten toegankelijk zijn.
De voorwaarden vragen om passende inhoudsfilters of controle van de uitvoer. Waar de wet dat vereist, moet ook worden gemeld dat AI is gebruikt. De licentie sluit onder meer surveillance, biometrische verwerking en onrechtmatige toepassingen uit. Boven de omzetgrens is voor zelf hosten een aanvullende commerciële licentie nodig.
BFL’s eigen productpagina formuleert het strenger: gebruik van Klein in een product vraagt volgens die pagina een commerciële licentie. Dat staat naast de licentie-uitzondering voor commerciële output onder de omzetgrens. Een bedrijf dat beelden intern maakt, heeft een duidelijkere route dan een bedrijf dat het model in een klantgerichte dienst of product opneemt. Voor dat laatste vraagt de precieze toepassing om schriftelijke afstemming met BFL.
Scores en snelheid hebben een meetkader
BFL zegt dat Klein in eigen evaluaties vooraan staat bij tekst-naar-beeld, beeldbewerking en generatie met meerdere referenties. De vergelijking noemt onder meer 7 miljard parameters voor Qwen-Image 2.1 en 12,9 miljard voor Krea 2. Tegen FLUX.2 Klein 9B meldt BFL 91 Elo-punten winst bij tekst-naar-beeld en 70 bij beeldbewerking, met 38 procent minder generatorparameters.
Dit zijn interne scores van de maker, geen onafhankelijk gecontroleerde ranglijst. BFL telt alleen beeldgeneratorparameters, niet de tekstencoders. Krea 2 ondersteunt geen beeldbewerking en ontbreekt daarom in die vergelijking. De score beschrijft dus niet één algemene voorsprong op alle grotere modellen.
Ook de hardwarevergelijking kent andere instellingen. In januari meldde BFL dat de 4 miljard-parameter FLUX.2 Klein ongeveer 13 GB videogeheugen vroeg. De nieuwe 8 GB-claim geldt voor de INT8-uitvoering van een ander model. Het is een lagere instapdrempel, maar geen rechtstreekse vergelijking van dezelfde configuratie. Hugging Face beschrijft hoe teams Klein in Diffusers kunnen gebruiken en LoRA-aanpassingen kunnen trainen, met ondersteuning vanaf de eerste dag.
Voor Nederlandse teams verschuift de praktische vraag naar drie punten: past de GPU bij het volume, blijft beeldmateriaal binnen de eigen omgeving en dekt de licentie de beoogde toepassing? De benchmark geeft een technische ondergrens. Voor gebruik in een klantgericht product laat BFL’s eigen licentietekst nog een vraag open.
Veelgestelde vragen
Van model naar beeldproces
Ik help je bepalen waar een lokaal beeldmodel past, ontwerp de werkwijze en bouw het hulpmiddel van eerste idee tot livegang. Waar het kan, draait het self-hosted en sluit het aan op je bestaande systemen.
Dit artikel is geproduceerd samen met het Agent Team. Meer over de redactie.
